Liste des jardins


Tuininfo

Minder vruchten aan de boom is wel beter

Minder vruchten aan de boom is wel beter

Appel-, pere- en perzikbomen worden door een overvloed aan vruchten verzwakt. Zo nemen ziektes en schadelijke insekten toe. De vruchten blijven klein en de vorming van bloesemknoppen voor het volgende jaar is gering. Door de vruchten te dunnen zijn deze nadelen verwijderd.

Bij appelbomen die de neiging tot beurtjaren vertonen, kan men al 3 weken na het afvallen van de bloesemblaadjes op 1 tot 3 vruchten per vruchtstand uitdunnen. Vooral bij rassen zoals ''Boskoop'', ''Laxton Superb'', ''Golden Delicius'' en ''Jonathan'' is het nodig, daar de vruchten gelijktijdig rijpen en te veel van de boom vergen.

Bij overige appelrassen en bij peren is het voldoende om te veel aan vruchten na de natuurlijke rui in juni te verwijderen. Het mag zelf ook later gebeuren. In de eerste plaats worden in hun ontwikkeling achtergebleven, beschadigde en zieke vruchten verwijderd. Bij kleine bomen kan er licht gedund worden en bij grote bomen in de onderste delen. Daarmee zijn dergelijke bomen al enigszins geholpen om u later mooie vruchten te geven.

Bij (ongesnoeide) perzikbomen wacht men natuurlijke eind mei af. Onbevruchte, in ontwikkeling achtergebleven en zieke vruchten worden afgestoten.  Daarna moet je het zo dunnen dat de vruchten afzonderlijk hangen.

Opgesteld door

Magische Tuinen

Dahlia's in uw tuin

Dahlia's in uw tuin

De kleuren- en vormenrijkdom van de bloemen hebben deze mooie Mexicaanse planten tot een geliefde tuin- en snijbloem gemaakt. Al onze dahlia's (hybriden) stammen van één soort ''Dahlia variabilis'' af. Daar men ze enorm snel verwisselt, zijn er meer dan twaalf klassen met duidelijke verschillen en meer dan 5000 cultivars !

Bloeitijd
Veelvuldig toegepast worden de lage tot middelhoge dahlia's, waarvan de bloemen boven het blad uitsteken. Ze bloeien van juli tot oktober. Stekken zijn minder gevoelig voor schadelijke insecten in de grond dan knollen.

Soorten
Cactusdahlia's, die middelgrote, elegante, los gevulde bloemen met spitse en opgerolde bloemblaadjes, staan op de voorgrond bij de kwekers. Gevolgd door de semi-cactusdahlia's met iets bredere bloembladen. Geliefd zijn ook de decoratieve dahlia's, waarvan de bloemen met de brede bloembladen dicht gevuld zijn. Aantrekkelijke liefhebbersplanten zijn halskraag-, ball- en pompondahlia's. Voor massabeplanting van perken, kleine hoekjes en bakken zijn de 30-40 cm hoge gevulde chrysantbloemige dahlia's of miniatuurdahlia's geschikt. De laatstgenoemde dahlia's voor massabeplantingen kunnen al vanaf maart uit zaad gekweekt worden. En zo tegen eind mei kan men al bloeiende zaailingen kopen.

Tuingrond en standplaats
Een middelzware, doorlatende en enigszins vochtige tuingrond is goed. Dit op een warme, zonnige en luchtige standplaats garandeert een goed gedijen van dahlia's. Jaarlijks van plaats
verwisselen of van aarde vervangen is ook goed. Voor het planten moet je de grond goed bewerken. Daarbij 50 g beendermeel en 40 g patentkali per m² strooien. De bovenlaag moet je ook met organische mest of compostaarde verbeteren, waardoor het aanslaan wordt begunstigd. Een gunstig planttijdstip voor knollen, is half mei. Voor voorgekweekte knollen, zaailingen en stekken is de beste planttijd eind mei, na de Ijsheiligen.

Plantdiepte

Knollen komen met hun wortelkluiten een handbreed diep onder het oppervlak.Middelhoge en hoge dahlia's hebben zeker een stok nodig, die men op voorhand in de grond slaat.

Plantafstand
Voor hoge dahlia's: een afstand van 60-80cm. Voor groependahlia's: een afstand van 40-50 cm. Voor mignon- en chrysantbloemige dahlia's: een afstand van 30-35 cm en voor miniatuurdahlia's: een afstand van 20-25 cm.

 

Opgesteld door

Magische Tuinen

Hoe kun je uw rozelaars tijdens de lente verzorgen

Hoe kun je uw rozelaars tijdens de lente verzorgen

Mei is de eerste maand waarin we u aanraden uw rozelaars te voeden met een handvol organische meststof. Deze energie opname zal hen helpen om in hun reserves te gaan en zullen zo prachtige bloemen opleveren.

U voedt al uw rozelaars met een handvol organische meststof uitgestrooid aan zijn voet (indien de rozelaar al oud is, moet u zonder twijfel meerdere handvol meststoffen strooien). Hark vervolgens lichtjes de grond zodat de voeding in de grond kan doordringen. Is uw rozelaar een herbloeiende (meerdere bloeiperiodes gedurende het hele seizoen), herhaal deze handeling tevens in juni en juli. Dien geen meststoffen meer toe vanaf augustus.
Bij droge grond, zorgt u ervoor hem te besproeien met water, zo zullen uw rozelaars de energie bijdrages sneller opnemen.

Welke voeding voor uw Rozen?

Vermijd de kleurmestkorrels van hoog stikstofgehalte, alsook chemische meststoffen. Gebruik liever een meststof waarin de formule is afgestemd op uw rozelaars. Or Brun Spécial Rosiers, op de markt verkrijgbaar en diegene die wij gebruiken in onze rozenkwekerij, is perfect uitgebalanceerd en snel geassimileerd.

De besproeiing van uw Rozelaars
Ongeacht het weer tot midden september, raden wij u aan de rozelaar overvloedig te gieten aan zijn voet: een maal per week 10 liter water per rozelaar indien u de bodem heeft bedekt met cacao schelpjes of "pellets paille de froment". Bij kale bodem en droge grond door het warme weer, zal u 2 gietbeurten per week moeten voorzien. Deze interventies zullen u helpen om uw rozelaars sneller te laten bloeien en de 2 tot 3 weken vertraging van de vegetatie (te wijten aan de langdurige winter) in te halen.

En de preventieve behandeling tegen de ziektes?

Vooraleer uw rozelaars preventief te behandelen en te beschermen tegen ziektes (het onderwerp van onze volgende nieuwsbrief), zullen we wachten tot de bladeren volledig open zijn..

 

Bezoek ons tijdens de opendeurdagen in juni  > Agenda

Opgesteld door

Filroses

www.filroses.com

Enkele tuintips voor uw Rodendrons en Azalea's

Enkele tuintips voor uw Rodendrons en Azalea's

De kleurige azalea's en prachtig bloeiende, groenblijvende rododendrons houden van een goede, humusrijke, constant vochtige tuingrond, die zeer zuur reageert. Dit betekent echter niet dat ze op plaatsen moeten staan waar er geen drainage is.

De standplaats moet halfschaduw liggen en veeleisende cultivars moeten zo mogelijk alleen late middagzon krijgen. Te veel schaduw, bij voorbeeld voor een noordmuur, is ongunstig. Omdat zich dan weinig bloemen vormen. Een in westelijke richting open plaats voor sparren, dennen en dergelijke is het meest geschikt. Maar niet in de buurt van bomen die zeer veel voedingstoffen en vocht aan de grond onttrekken.
 
Planten zoals rododendrons moet men niet afzonderlijk verspreid planten. Omdat de zure bodemreactie dan niet goed bewaard blijft. Het is beter om meerdere planten die van zure grond houden, op een groter oppervlak bij elkaar te zetten. Neem een zelfde groep planten voor zure tot zwakzure grond.

Dit jaar is mei nog een goede plantmaand.

Voor de bodemverbetering is kalkvrije bladaarde, turfstrooisel of tuinturf goed.
- Turfstrooisel is bewerkt witveen. Het is het gemalen, gedroogde, bovenste deel van het hoogveen.
- Tuinturf is bewerkt zwartveen, dat onder de laag met witveen voorkomt. De natuurlijke vruchtbaarheid van tuinturf is iets hoger dan die van turfstrooisel.

Een niet te klein oppervlak wordt 2 spaden diep uitgegraven en minstens voor de helft door een mengsel van bladaarde en turfstrooisel of tuinturf vervangen, waaraan ook nog 75g/m² speciale rododendronmest is toegevoegd.
Als de grond onderin het uitgegraven gat zeer vast is en geen water zal doorlaten, wordt nog een 10 cm dikke drainagelaag van scherp zand, grove kiezel aangebracht. Pas dan wordt het gat voor de helft met de humusrijke aarde gevuld. Men wacht 14 dagen voor het planten.

N.B.: Op zeer lichte grond is bovendien het gebruik van hygromull aan te bevelen.

Opgesteld door

Magische Tuinen

Het is tijd om uw rozelaars te snoeien

Het is tijd om uw rozelaars te snoeien

Uw snoeischaar kan bovengehaald worden. De lente is er.  Het risico op vorst is er niet meer en de forsythia's zijn in bloei.  Het is groen licht voor het snoeien van uw rozelaars.

Welke rozelaars mogen we nu snoeien ?
Al de herbloeiende rozelaars ! Deze die meerdere malen gedurende het seizoen bloeien. De éénmalig bloeiende rozelaars moeten enkel gesnoeid worden na de bloei (juli) !

Waarom uw rozelaars snoeien ?
Om uw rozen in evenwicht te brengen en hen een harmonieuze vorm te geven. Voor de ontwikkeling en de stimulans voor een overvloedige bloei.

Hoe uw rozelaars snoeien ?
Iedere variëteit heeft zijn eigen persoonlijkheid en zal op een andere manier gesnoeid moeten worden. Er zijn echter enkele snoeiprincipes die van toepassing zijn voor alle rozelaars. Deze winter bracht aan onze rozelaars veel sporen van dode hout. Het dode hout is te herkennen door de bruine gekleurde tak die overgaat in een zwarte kleur. Deze moeten verwijderd worden. Vervolgens zullen alle tengere takken die te zwak zijn om rozen te dragen en de stengels die naar het hart toe gegroeid zijn, verwijderd moeten worden. Het is de bedoeling dat de rozelaar luchtig wordt en het licht het middelpunt van de rozelaar bereikt. We snoeien steeds 1 cm boven een knop (of blad) gericht naar buiten toe, zodat de regendruppels niet over de jonge knop stroomt. Behoudt 3 tot 5 takken, de sterksten en diegenen die het beste zijn gericht naar buiten toe.

Iedere familie heeft zijn specifieke snoei.


De Thé-hybrides
De Thé-hybrides worden het kortst gesnoeid, tot 15/20 cm van de grond boven een knop of een blad gericht naar buiten.

De Polyanthas of Floribundas
Zij mogen genoeid worden tot de helft van hun grootte.

De Engelse Rozelaars of struikrozelaars
De Engelse Rozelaars of struikrozelaars (type Moschata,…) zijn zeer lichtjes te snoeien uit respect voor de natuurlijke groei. We snoeien tot ongeveer 1/3 van hun grootte.

De bodembedekkers
Zij hoeven niet noodzakelijk gesnoeid te worden, tenzij u hen een mooie vorm wenst te geven. Mag eventueel met de haagschaar.

De klimrozelaars
De jonge klimmende rozelaars worden slechts zeer weinig gesnoeid. Indien u de gelegenheid heeft gehad de takken horizontaal te begeleiden, kan u makkelijk de puntjes snoeien van de takken die de ondersteuning voorbij gegroeid zijn. Groeit uw rozelaar op een boog of pilaar, recht naar boven toe, laat hem dan groeien tot hij 3 jaar is. Vervolgens snoeit u iedere lente de oudste tak (de meest gerimpelde). Op deze manier zal de rozelaar van onder tot boven in bloei staan.

De stamrozelaars
Wenst u een stamrozelaar in vorm van een bol, snoei hem dan zeer kort tot een tiental centimeters. Indien een treurrozelaar, snoei lichtjes zoals het snoeien van de engelse rozelaars.


Waarom zolang gewacht met het snoeien?
Net zoals vorig jaar, op het einde van de winter, begin van de lente, zijn de periodes van zachte temperaturen afgewisseld met periodes van vriestemperaturen. Gevolg door de toename van het sap in de takken dat sommige takken bevroren zijn. Het belang van een latere snoei; de dode knoppen kunnen gemakkelijker onderscheiden worden van de levende. Aarzel niet AL het dode hout weg te snijden zelfs indien deze al klaar stond om te groeien, uw rozelaar zal nog compacter en rijk bloeiend zijn.
Nog een laatste belangrijk punt: ziet u een lange groene tak met grote bruine vlekken, snoei deze dan weg tot aan het gekwetste punt omdat de sappen van de rozelaar het eindpunt van de tak niet altijd zal bereiken.
Het snoeien van uw rozelaars, uw snoei creativiteit, zal beloond worden met rozelaars vol prachtige bloemen. Na de snoei moet men een 6 weken bijtellen vooraleer de rozelaar in bloei staat. Dit jaar hangt het een beetje af van de regio maar schatten we een vertraging van 3 weken tot 1 maand

Opgesteld door

Filroses

www.filroses.com

Mooie varens voor uw tuin

Mooie varens voor uw tuin

Varens, die tot de sporenplanten behoren en dus nooit bloemen krijgen, zijn effectief prachtig in een beplanting door de pracht van hun bladeren. Ze zijn vooral geschikt om kale vlakken onder hoge bomen, tussen heesters, op de voorgrond van heesters en aan de noordzijde van gebouwen van groen te voorzien. De grond moet koel tot vochtig zijn, doorlatend, humusrijk, maar arm aan voedingstoffen. Enkele varens verdragen wel enige zon. Woekerende soorten verdrukken, als ze in massa's gebruikt worden, iedere zwakkere plant. Andere hoge tot middelhoge soorten worden in groepen toegepast of voor een tapijtbeplanting.

De beste planttijd is het voorjaar. Op voorhand worden de plaatsen diep bewerkt en de grond verbeterd met compost, verrotte bladeren en organische mest. De meeste varens gedijen prima in een grondmengsel dat op bosgrond lijkt. Het is ook heel goed om iedere jaar enige centimeters dikke laag van tuinturf (in kleine stukjes gehakt snoeihout en rottende bladeren) over de grond te spreiden. Vochtminnende soorten moeten in droge periodes wel water krijgen.

Om oude planten te delen is het voorjaar ook de beste tijd. Soorten die veel uitlopers vormen, geven ook veel jonge planten. Voor het overige kunnen alleen wortelkluiten met meerdere neuzen gebruikt worden om nieuwe planten te krijgen. Opgelet: een oudere mannetjesvaren kan niet verplant worden. Vermeerdering door sporen kan bij de meeste soorten plaatsvinden. Maar het is wel moeilijk.


Enkele voorbeelden van aanbevolen varens:

- Hoge varens (70-100 cm) doen zeer statig aan. Eén van de mooiste varens is de Koningsvaren (Osmunda regalis) met sterk geveerde bladeren. Hij moet in de schaduw staan. Een andere mooie varen is de niet geheel winterharde Schildvaren (Polysichum stiferum). Deze kent vele groenblijvende cultivars met dichtgeveerde, heldergroene en zachte bladeren. Ze houden van bosgrond en lichte schaduw.

- Onder de middelhoge varens (40-50 cm) tellen we het Venushaar (Adiantum pedatum) met zijn sierlijke vorm. Een varen die van een zure humusrijke bodem houdt. Groenblijvend en niet veeleisend is de Dubbelloofvaren (Blechnum spicant) die op vochtige schaduwrijke plaatsen in de Europese bossen voorkomt. De groene Bolletjesvaren (Onoclea sensibilis) past zich ook zeer goed aan de omstandigheden aan. Deze varen heeft ovale en smalle bladeren. Hij verdraagt zowel zon als schaduw en ook iedere grondsoort.

- Tot de lage varens (20-30 cm) behoren zeer veeleisende soorten. Het gemakkelijkste ervan is de  Steenbreekvaren (Asplenium trichomanes) met een donkerbruin gesteeld blad. Deze gedijt zich goed in lichte, humusrijke grond en verdraagt droogte en kalk. Droge en zonnige plaatsen zijn geschikt voor de Schubvaren (Ceterach officinarum), die alleen maar zachte winters overleeft. Beide zijn geschikt voor voegen in stapelmuurtjes en zijn groenblijvend.

Als u meer inlichtingen wenst: www.varens.be

 

Opgesteld door

Magische Tuinen

Welk zijn de heesters die je in uw tuin kunt planten ?

Welk zijn de heesters die je in uw tuin kunt planten ?

Dit zijn enkele voorbeelden van heesters die je in uw tuin kunt planten:

- Dwergheesters kunnen als voorbeplanting gebruikt worden en geven enige afwisseling in een rotstuin. Een groot aantal kruipende heesters, zowel bladverliezend als groenblijvend, is vooral geschikt als bodembedekker op die plaatsen waar gras niet meer groeit.
Bijvoorbeeld: Pieris japonica ‘Little Heath’ (50 cm), Corylopsis pauciflora (schijnhazelaar),  Daphne mezereum (peperboompje), Forsythia viridissima of Salix hastata ‘Wehrhanii’ (kleine wilg)

- Groenblijvende heesters en coniferen, die tegenwoordig veel meer dan vroeger toegepast worden, zorgen ervoor dat de tuin ook in de winter niet kaal en ongezellig is. Er zijn er vele, die niet veeleisend zijn. Bijvoorbeeld: Buxus, Taxus, Ilex aquifolium (hulst), Prunus laurocerasus (Laurierkers)

- Een speciale plats verdienen perkrozen. Men plant ze graag in vakken en ze vormen als het ware een concurrent voor de bloeiende vaste planten

- Een speciale behandeling vergen rododendrons, azalea's en heide (met uitzondering van winterheide), die een zure, turfhoudende bodem nodig hebben. Vooral niet te weinig ruimte geven bij de beplanting.

- Muren, omheiningen klimrekken kunnen met verschillende klimplanten beplant worden. De mooiste zijn: Clematis, Klimrozen en Blauwregen.


- Als decoratie van het terras of andere zitgelegenheid komen onder meer kuipplanten in aanmerking. Ze hebben speciale verzorging nodig en een winterstandplaats. Bijvoorbeeld: Acacia, Camellia, Jasminum, Laurus, …

Andere voorbeelden van heesters voor uw tuin:

 - Heesters met aromatisch blad: Artemisia arborescens, Gaultheria, Lavandula, skimmia, Santolina, Rosmarinus, …

Heesters met mooie herfstkleuren: Acer, Amelanchier, Berberis, Cornus, Hamamelis, Vibernum, …

- Heesters voor diepe schaduw: Acuba japonica, Lonicera, Mahonia,Osmanthus, Vinca, …

 

Opgesteld door

Magische Tuinen

Tuintips voor december

Tuintips voor december

Winterse pracht

Wanneer bomen en struiken hun bladeren hebben laten vallen en de laatste chrysanten zijn uitgebloeid, behoeft de wintertuin nog lang niet treurig en eentonig uit te zien. Het komt er dan altijd op aan, welke bomen en struiken en andere planten in de tuin staan.

 
De ware tuinliefhebber bladert nu s'avonds in zijn warme kamer een zaad- en plantencatalogus. Leest zijn tuinblad, raadpleeg een tuinwebsite en de nieuwste tuinboeken. In gedachten ziet hij zijn tuin al met felgekleurde voorjaarsbloemen, bloeiende vruchtbomen en zomerse bloemenpracht. Het is tijd om plannen te maken voor het volgende jaar.

Het is ook het moment om een wandeling in uw tuin te doen en na te denken. Men kijkt goed rond en brengt de winterbescherming op orde. Als alles met rijp bedekt is, zijn er vooral in de ochtenduren sprookjesachtige plaatsen te zien en het is de moeite waard om het fijne witte goedje van dichtbij te bekijken. Valt er een pak sneeuw, die coniferen, heesters, hagen en omheiningen met een witte laag watten bedekt, dan klopt het hart van iedere tuinliefhebber sneller, omdat de planten dan hun natuurlijke bescherming krijgen.

Bij gebrek aan sneeuw moet de tuin veel groen bieden. Groenblijvende bladheesters en coniferen mogen niet ontbreken. Een groenblijvende haag zoals laurierkers, liguster, kamperfoelie (Lonicera Pileata) of Berberis Julianae verhoogt de sierwaarde. Wie in plaats hiervan coniferen heeft, zou de voorkeur moeten geven aan taxus of levensboom.
Een grote sierwaarde hebben groenblijvende heesters met felgekleurde bessen die lang aan de plant blijven zitten, zoals dwergmispels, vuurdoorn, stranvesia, hulst en skimmia. Een paar mooie kegeldragers zoals de Koreaanse zilverspar en bij voldoende ruimte de tranenden zijn zeer aantrekkelijk. Bij de bodembedekkende planten, waaraan grote waarde gehecht dient te worden, mag een winterheide (Erica Herbacea) niet ontbreken, omdat de knoppen reeds nu de toekomstige bloemkleur laten zien. In de tuinen kunnen enige groenblijvende vaste planten aangeplant worden, zoals mansoor, schoenlappersplant, hoornbloem, waldsteinia en nog enkele andere. Niet in de laatste plaats horen ook enige winterbloeiers in de tuin, zoals kerstroos, sneeuwballen, winterjasmijn en toverhazelaars.

Opgesteld door

Magische Tuinen

Planttijd voor bladverliezende heesters

Planttijd voor bladverliezende heesters

Enkele tuintips:

Voor bladverliezende heesters en bomen begint de plantijd wanneer het blad er in november afvalt en voordat de knoppen beginnen te schuiven. De grond mag echter niet bevroren of te nat zijn. Tijdig planten in de herfst heeft het voordeel dat de heesters dan nog goede wortels vormen en in het voorjaar sterk uitlopen. Alleen niet volkomen winterharde heesters dienen in het voorjaar geplant te worden. Op klimatologisch ongunstige plaatsen en op zware, natte gronden wordt de voorkeur gegeven aan de maande maart/april. Nu worden voornamelijk de heesters geplant die in het voorjaar en vroeg in de zomer bloeien en onder bepaalde voorwaarden ook rozelaars. Het jaargetijde is bovendien gunstig voor het maken van snoeihagen, bloeihagen en heesterstroken.

De plantplaatsen worden 8 – 14 dagen voor het planten klaargemaakt. Daar de wortels zich meestal oppervlakkig uitspreiden, moet de grond ook in zijwaartse richting ver genoeg losgemaakt worden. Bewerk uw bodem twee spaden diep (+/- 50 cm). Hierbij worden stenen, scherven, stukken metaal en onkruidwortels verwijderd.

Bij zware leem- en kleigrond is het de moeite waard om scherp (rivier)zand in de grond in te werken (ook in de onderlaag). Voor mooie bloeiheesters is een voorraadbemesting met thomaskali meststof (75 g/m²) in de onderlaag aan te beleven. De bovenlaag moet van organische stoffen voorzien worden. Compostaarde of turfmolm is daarvoor geschikt. Deze organische meststoffen worden oppervlakkig ingewerkt.

Voor zuurminnende planten, zoals azalea's en rododendrons, voegt men aan de onderlaag superfosfaat en patentkali toe (van elk 75 g/m²). Voor de bovenlaag is humusrijke grond nodig, zoals teelaarde vermengd met tuinturf. Twee handen vol hoornspaanders zorgen voor het dekken van de behoefte aan stikstof.

Opgesteld door

Magische Tuinen

Tuintips voor november

Tuintips voor november

Afgevallen blad is zeer waardevol voor de tuin en heeft allerlei nut.
Onder heesters kan het als een natuurlijke afdekking van de grond blijven liggen. Het beschermt de wortels tegen een te vroeg en te diep indringen van de vorst en voorkomt een directe verdamping van het grondwater. Tegen het wegwaaien legt men rijshout neer of strooit men tuingrond over de bladeren.
Wat om de vaste planten heen aan afgevallen blad bij elkaar gewaaid is, kan blijven liggen. Alleen mogen groene plantdelen niet onder nat blad overwinteren (rotting!).
Het overige afgevallen blad op het gazon, tussen perkrozen en op de paden wordt bijeengeharkt, als bodembedekking gebruikt of om in te pitten of te composteren.
Een zekere voorzichtigheid is geboden bij het afgevallen blad van vruchtbomen. Hieraan zitten namelijk vaak sporen van schimmels, die in het voorjaar het jonge groen infecteren. Vaak wordt daarom aanbevolen om blad van vruchtbomen diep in te spitten of uit de tuin te verwijderen.

Vaste planten kunnen nog in november geplant worden. Daar de wortelvorming steeds langzamer in werk gaat, mogen jonge of gedeelde planten echter alleen met wortelkluit verplant worden. Bij droogte moet je goed water geven. En ten slotte wordt de grond keurig bedekt.

Bakken en kuipen op uw terras, in de daktuin of bij de ingang behoeven 's winters niet onbeplant te blijven. Winterheide, dwergdennen, dwergjeneverbes en schijncipressen kunnen zeer aantrekkelijk zijn. Plant zo vroeg mogelijk in november, met wortelkluit. Bij vorstvrij weer goed water geven. De aarde mag niet volkomen bevriezen.

Snoei van frambozen. Stengels van het lopende jaar van de tweemaaldragende rassen hebben vanaf september hun eerste opbrengst gegeven. Als aan een tweede oogst in de volgende zomer waarde gehecht wordt, dan blijven de stengels staan, anders worden ze allemaal tot aan grond verwijderd. De scheuten, die het volgende voorjaar zullen ontstaan, beloven dan een zeer rijke herfstpluk. Als de snoei van de eenmaaldragende rassen tot zover niet heeft plaatsgevonden, dan moet dit meteen nog gebeuren.

 

Opgesteld door

Magische Tuinen

Planttijd voor Lelies

Planttijd voor Lelies

Vanwege hun overweldigende schoonheid behoren de lelies van het geslacht Lilium tot de meest begeerde tuinplanten. Vele wilde soorten, die aan een bepaalde gesteldheid qua klimaat, standplaats en bodem gewend zijn, zijn door intensief kweken veranderd in goede tuinplanten. Een nog grotere pracht gaat van de hybriden uit.

De meeste soorten en cultivars geven de voorkeur aan een zonnige tot halfschaduw standplaats met koele voeten. Dat wil zeggen een begroeide grond, zodat ze zich tussen vaste planten, grassen, matig hoge en bodembekkende heesters, … op hun plaats voelen.

De eisen wat betreft bodemgesteldheid zijn hoog, maar kunnen vervuld worden. Lelies geven de voorkeur aan een lichte tot middelzware, voedselrijke, koele, humusrijke grond met een goede drainage. In zware, natte grond hebben de bollen op 30-35 cm diepte een 10 cm dikke drainagelaag van kiezel en puin nodig. Enkele lelies hebben een zure humusrijke grond nodig, zoals goudbandlelie, panterlelie en alle hybriden van deze soorten, vooral de Oriëntal-hybriden.

De plantijd begint in oktober en loopt tot maart/april. Alleen bollen met stevige schubben zijn de moeite van het planten waard. Als men niet onmiddellijk gelegenheid heeft om de bollen te planten, dan worden ze opgeslagen in vochtige turfmolm. Het mooiste effect hebben groepen van minstens 3 tot 5 lelies, waarvan de bollen op 25-30 cm afstand geplant worden.

Voor de plantdiepte geldt als vuistregel: driemaal zo diep als de bol hoog is. Daardoor ontstaan meestal plantdieptes van 15-20 cm. Goudbandlelie en Liliumdavidi en hun hybriden moet men ongeveer 25 cm diep leggen.

N.B.: Daar lelies vele jaren op de zelfde plaats blijven, is een goede voorbereiding van de plantplaats belangrijk. De grond wordt ongeveer een spade diep (25-35 cm) opgenomen, hetzij voor een breed plantgat of een lange strook. Onder de bol moet zich evenveel losse grond (leliegrond) bevinden als erboven. Men maakt de ondergrond los en brengt bij zware, natte grond een drainagelaag aan. Van de grond uit het plantgat wordt slechts een deel voor het maken van de zogenaamde leliegrond gebruikt, die los, kruimelig en humusrijk moet zijn, daar de wortels zich hierin het best ontwikkelen en de bollen niet kunnen rotten.Na het leggen van de bollen worden de wortels aangedrukt, het plantgat wordt geleidelijk met leliegrond gevuld. Er moet ook goed water gegeven worden.

Opgesteld door

Magische Tuinen

Tuintips voor oktober

Tuintips voor oktober

Meer herfstkleuren in de tuin

In oktober kan men genieten van de herfstkleuren van bladverliezende heesters. Bij zonnig weer zijn de kleuren bijzonder intensief. Het is de moeite waard om bij de beplanting enigszins met de herfstkleuren rekening te houden, om van de laatste kleurenpracht in de herfst een beetje van de tuin te kunnen genieten.

Verkleuring betekent niet afsterven, maar een verhoogde prestatie. Terwijl groene bladeren de lange golven van het zonnelicht vooral voor de produktie van suikergebruiken, is tegen de herfst een omstelling naar stabielere reservestoffen noodzakelijk. Hiertoe wordt extra energie aan de korte golven van het licht ontnomen, die geel- en roodgekleurde bladeren opnemen. Bruin is een teken van afgestorven blad, dat bij voorbeeld bij de haagbeuk en eik tot het voorjaar kunnen vasthouden.

De rode kleur is van heester tot heester verschillend van tint. De Japanse esdoorn (Acer Japonicum) wordt bloed tot oranje-scharlakenrood. De berberissen zalm worden vuur- of paarsrood. De azalea's (Rhododendron  Ponticum-hybriden) worden bloedrood en de sneeuwbal (Vibernum Opulus sterile) roos tot wijnrood. Enz.

Heel fraai zijn ook de gele herfstkleuren zoals bij de schijnhazelaar (Corylopsis), de struikkanstanje (Aesculus parviflora), de Ginkgo, de trompetboom (Catalpa), … enz.

De herfstkleuren vallen nog meer op, als ze gecombinnerd worden met groenblijvende bladheesters en coniferen en met herfstbloeiers onder de vaste planten. Bij rood passen witte Japanse anemonen, chrysanten en aster ericoides. Met het geel en oranje past het blauw en violet van herfstasters en loodkruid (Ceratostigma).

Denk eraan als je deze maand nieuwe beplanting doed voor volgend jaar en zo nog beter en langer van uw tuin kunt genieten.

Opgesteld door

Magische Tuinen

Het zaaien van een gazon

Het zaaien van een gazon

Voor het inzaaien van een nieuw gazon zijn de maanden april/mei en augustus/september vooral geschikt. Een grastapijt dat duurzaam is, kan alleen bij de allerbeste grondvoorbereiding en de juiste keuze van het zaadgoed zoals een voortdurende verzorging bereikt worden. Alvorens het eigenlijke werk begint, is een grondonderzoek gewenst. Leemhoudende zandgrond is voor gras de meest ideale grond.

Het land wordt van onkruid ontdaan en met een spade diep gespit. Schadelijke bodeminsekten, stenen, andere harde voorwerpen en wortels van meerjarig onkruid worden eerst zo zorgvuldig mogelijk verwijderd. Bij het spitten heeft men de mogelijkheid om het zand- of leembestanddeel aan een ideale toestand aan te passen.

Nu wordt het oppervlak gerold of vastgelopen, best vanuit twee verschillende richtingen. Kuiltjes worden gevuld. Te zware rollers zijn niet altijd geshikt. Voor kleine oppervlakken zijn twee rechthoekige plankjes voldoende. Deze bindt men onder de schoenen. Ten slotten worden oneffenheden met een hark bijgewerkt. Dan laat men het voorbereide oppervlak minstens 14 dagen rusten om kiemend onkruid nog te kunnen verwijderen. Bij droogte moet men water geven.

Op de dag voor het zaaien moet men goed water geven. Om te zaaien kiest men windstille en droge dag. Het is ook in ieder geval nodig om graszaad voor het zaaien nogmaals grondig te mengen. Het zaaien kan men met de hand of met een strooiwagen doen. Voor het zaaien met de hand is het aan te bevelen om het oppervlak in 2 m brede stroken te verdelen en deze vanuit twee verschillende richtingen in te zaaien. Daarna wordt er gerold of vastgelopen en met een fijne sproeikop water gesproeid. Het oppervlak totdat het zaad ontkiemt, ook het fijne onderste gras, mag men gedurende ongeveer 2 weken (dagelijks 2-3 maal) met een fijne sproeier water geven.
Wanneer het gras 2-3 cm hoog is, moet voorzichtig gerold worden. Geleidelijk zullen de halmen zich weer oprichten. Bij 6-7 cm hoogte wordt voor het eerst gemaaid.

Welk is het juiste grasmengsel ?

Grasmengsels bestaan in de meeste gevallen uit 3-4 verschillende soorten grassen, waartoe zwakgroeiende ondergrassen en sterker groeiende bovengrassen behoren. Of men nu een gewoon standaardmengsel koopt of een speciaal mengsel, dat rekening houdt met standplaats, doel, belasting, verzorging, ..enz, altijd dient men op te letten op de samenstelling en het procentgewijze deel van de diverse grassoorten. Hier volgt de belangrijkste grassoorten:Gewoon struisgras, Veldbeemgras, Engelse raaigras, Kamgras.
Kant- en klare graszaadmengsels worden al naar gelang de gewenste toepassing door diverse firma's aangeboden zoals: siergazon mengsel, speelgazon mengsel of sportveldmengsel.
 
 

Opgesteld door

Magische Tuinen

Tuintips voor september

Tuintips voor september

Tijd om uw pioenrozen te planten

De eerste helft van september is de tijd om pioenrozen te planten, want de vorming van de wortels begint nu. Alleen op kleigrond is het beter om op tot het voorjaar te wachten. Ook oude planten, die in bloei sterk achteruit zijn gegaan, worden nu opgenomen, teruggesnoeid en met een schop of spade gedeeld. Iedere deelplant heeft minstens twee groeiogen en enkele wortels nodig.

De pioenroos houdt het meest van enigszins leemachtige, diep bewerkte, voedselrijke, zwakzure grond en een zonnige standplaats. Het plantgat moet minstens 50 cm diep losgewerkt worden, waarbij de onderlaag onderin blijft. Zanderige grond heeft extra leem nodig, een zware, natte grond bij menging van zand over de totale diepte. De bovenlaag verbetert men bovendien met gezeefde compostaarde of goed verrotte stalmest. Eventueel kun je een andere organische bemesting of vochtige tuinmengmest  gebruiken op kalkhoudende grond.

Voor nieuwe aanplantingen is het aan te bevelen om cultivars van de Chineses pioen (Paeonia Lactiflora-hybriden) te kiezen met gevulde bloemen in rode, roze of witte kleur. Deze pioenrozen worden 70-90 cm hoog, even breed en zijn vanwege hun pracht en lange leven geschikt als basisplanten in vaste-plantenborders. De voornaamste bloeiperiode is mei/juni. In een brede border behoren ze in het midden of iets verder naar achteren gezet te worden. Beplanting afzonderlijk met een harmonische herhaling of in groepen op één meter onderlinge afstand.

De dikke wortels komen loodrecht in de grond, groeiogenzijn  4-5 cm onder de grond. De aarde moet goed aangedrukt worden en ze moeten natuurlijk veel water hebben. Met een goede verzorging kunnen pioenrozen zo ongeveer 20 jaar op de zelfde plaats blijven staan.

Verder in de siertuin kun je al afscheid nemen van de andere vaste planten.
De bloei van de zomerbloeiers onder de vaste planten loopt over het algemeen op zijn eind. Na de bloei worden vaste planten een eindje boven de grond afgesneden. Niet te kort, want als wat van de stengels blijft staan, zal hiertussen blad blijven steken en het geheel vormt een goede winterbescherming van de planten. Men kan nu ook al oudere vaste planten delen. Nieuwe aanplantingen of verplanten van de augustus planten zullen deze herfst misschien noodzakelijk zijn.
  

Opgesteld door

Magische tuinen

Milieuvriendelijk gereedschap

Milieuvriendelijk gereedschap

Het aanbod aan tuingereedschap is enorm. Sommige gesofisticeerde apparaten zijn uitgerust met allerhande gadgets die hen daarom niet noodzakelijkerwijs doeltreffender maken. Het gemotoriseerde gereedschap verbruikt vaak niet alleen veel energie, maar blijkt dikwijls vervuilend en gevaarlijk te zijn. Het beste is u te beperken tot het materiaal dat u echt nodig hebt en dat geen milieuhinder veroorzaakt.

1) Koop in functie van uw echte behoeften
Wanneer u de aankoop van nieuw tuingereedschap overweegt, kies dan voor iets wat echt aan uw behoeften tegemoetkomt, dat zo weinig mogelijk energie verbruikt, dat zo doeltreffend mogelijk werkt en u bovendien het beste rendement biedt. Houd daarbij ook rekening met het aantal keer dat u het gereedschap in kwestie nodig zult hebben: u kunt ook heel wat materiaal huren.

2) Kies handgereedschap van een goede kwaliteit
Gereedschap van goede kwaliteit is vaak duurder in aankoop maar gaat wel langer mee en is dus goedkoper in gebruik. Als uw budget beperkt is, koop dan eerst en vooral het basisgereedschap zoals een wiedhaak, een schoffel, een spitvork,… en koop daarna pas geleidelijk aan bijkomend materiaal.  

3) Deel de kosten bij de aankoop van een dure machine
Deel de kosten van de aankoop van een dure machine met uw vrienden of buren. Of huur het dure materiaal, zoals een verhakselaar die takken tot kleine stukjes snoeihout herleidt (dat op zijn beurt dan weer erg nuttig kan zijn voor het composteren en mulchen) of een mulching-grasmaaier die gras helemaal verpulvert. Huren of gezamenlijk aankopen is ook interessant voor toestellen die u maar heel sporadisch of seizoensgebonden gebruikt, of als u maar een kleine tuin hebt zonder bergplaats.

4) Gun uw gereedschap een lang leven
Reinig en onderhoud uw gereedschap: zo zal het langer in goede staat blijven. Vooraleer u het voor lange tijd opbergt moet u het grondig reinigen en de metalen onderdelen invetten zodat ze niet kunnen beginnen te roesten. Slijp snijdende onderdelen ook regelmatig bij en berg uw materiaal op een droge plaats op, zodat vocht geen kans maakt.

5) Koop een mechanische grasmaaier
Voor kleine en regelmatig onderhouden grasperken hebt u geen elektrische of gemotoriseerde grasmaaier nodig: een mechanische grasmaaier is veel goedkoper en maakt ook veel minder geluid.

6) Beperk het gebruik van toestellen die energie verbruiken
Als u toch liever een gemotoriseerde grasmaaier gebruikt, kies dan een model dat weinig energie verbruikt. Vermijd ook het gebruik van apparaten, zoals een hogedrukreiniger, die enorm veel water verbruiken. Een goed geslepen snoeischaar is vaak een perfect alternatief voor een elektrische heggenschaar: ze is minder gevaarlijk en lichter om te dragen, zorgt niet voor geluidshinder en biedt u de kans om aan lichaamsbeweging te doen in de open lucht, wat uitstekend is voor uw gezondheid !

7) Lees aandachtig de gebruiksaanwijzingen
Vaak vinden we er kostbare informatie in terug om het materiaal op een optimale manier te gebruiken en onszelf aanzienlijke onderhouds- en reparatiekosten te besparen. Bovendien helpen de raadgevingen van de fabrikant ook om ongevallen te voorkomen.

Tekst en Tuintips van Leefmilieu Brussel

Opgesteld door

Leefmilieu Brussel


Web: www.leefmilieubrussel.be

Tuintips voor juni

Tuintips voor juni

Juni is de maand van al de wonderlijke en geurende rozen, watervallen van clematissen en borders met een overvloed van uw lievelingsbloemen zoals campanula's, delphiniums, irissen, papavers en viooltjes. De lastige tuinklussen maken nu plaats voor routinewerk. Door de uitgebloeide bloemen te verwijderen, bieden de borders niet alleen een nette aanblik maar zo verlengt u ook de bloeiperiode. Een gemaaide gazon en bijgeknipte randen vormen een perfect decor voor de bloemweelde. Voorjaarsbloeiende vaste planten, die u tot de grond hebt gesnoeid, krijgen nu in snel tempo fris, nieuw blad en misschien later nog enkele bloemen.

Een rozenmaand
De sensuele rozen bevestigen dat de zomer is aangebroken. Zoals met:
- Moderne struikrozen. De combinatie van een Rosa 'Mary rose', met winterharde geraniums en geurige viooltjes illustreert dat de moderne struikrozen goed in een tuinontwerp kunnen worden opgenomen.
- Oude struikrozen met als naam: Gallica, Damascus, Alba, Centifolia,... Zulke namen doen ons denken aan een roemrijke verleden van Perzen, Kruisvvarders, Romeinen en de mysterieuze Middeleeuwen. Dit zijn historische rozen die uit vergeten eeuwen stammen. Rijke geuren en schitterende bloemen zijn kenmerkend voor deze heerlijk nochalante struikrozen.
- Moderne trosrozen. Wilt u schitterende bloemen, moderne kleuren en een welderige bloei, dan zal de moderne trosroos u niet teleurstellen. Tot deze groep behoren de hybride theerozen, veelbloemige floribunda's en allerlei miniatuur- en patiorozen (ideaal  voor kleine tuinen of potten).
- Klimrozen en ramblerrozen kunnen eindeloos worden gecombinnerd. Samen met een bijpassende clematis zorgen ze tijdens de zomermaanden voor een opvallende bloeiende kleurenpracht. Uit een ver verleden stammen de geliefde 'Climbing Cécile Brunner', 'Gloirede de Dijon' en 'Zéphirine Drouhin'. Tot de modernste soorten behoren 'Compassion', 'Danse du Feu' een 'Schoolgirl'.

Struiken
In juni bloeien achtereenvolgens een aantal struiken waarvan er vele, zoals de boerenjasmijn, sering en lavendel, een heerlijke geur verspreiden. Klimplanten blijven hun bijdrage leveren en in de vroege zomer is er geen gebrek aan kleurrijke clematissen, ter solanums, exotische passiebloemen en zoetgeurende kamperfoelie. Vergeet ook niet de groenblijvende klimop  met zijn ook vele bladvariaties. Vaste planten met een zilvergroen blad vormen een mooi achtergrond voor de papierwitte bloemen van de Cistus, die weer mooi afsteken tegen de blauw van een Ceanothus. Op warme zomzerdagen heeft zo'n combinatie een verfrissend effect.

Zaaien
Zaai al voor het volgende jaar.  Rond juni moet de grond warm genoeg zijn om vaste planten en winterharde tweejarigen te zaaien die niet in mei zijn gezaaid. Zaai in rijen, bedek het zaad met een dunne laag grond en sproei. Binnen enkele weken moeten de zaailingen groot genoeg zijn om ze uit te dunnen en niet uit te zetten. Winterharde tweejarigen kunt u in de volle grond zaaien.

Opentuinen
Laat u in deze lange zomerdagen eens verleiden tot een bezoek aan één van de vele tuinen die nu voor het publiek zijn opengesteld. Tegen een kleine vergoeding, die vaak naar een goed doel gaat, kunt u in de zomermaanden vele tuinen bezoeken. Het is een goed gelegenheid om ideeën op te doen, nieuwe planten te ontdekken of om gewoon een beetje te rusten en van de andere tuinen te genieten.

Opgesteld door

Magische tuinen

Mooi en duurzaam meubilair

Mooi en duurzaam meubilair

We genieten graag van de zon, nodigen graag vrienden uit voor een etentje in de open lucht, sporen de kinderen aan om in de tuin te spelen, enz. Hiervoor hebben we tuinmeubilair nodig zoals tafels, stoelen, zetels, schommels, omheiningen en verschillende soorten verlichting. De meeste warenhuizen bieden een uitgebreide waaier van dergelijk (soms duur) meubilair aan. Hout valt hier te verkiezen boven plastic, omdat het mooi en duurzaam materiaal is...maar het vergt wel een regelmatig onderhoud.

1) Plant een haag als alternatief voor een omheining
Als alternatief voor een omheining in beton of hout kunt u een haag planten. De takken van een dicht bebladerde haag onttrekken een tuin heel goed aan het zicht, laten zonlicht door en bieden beschutting tegen de wind. Loofhout is beter geschikt dan coniferen, die de dieren minder eten te bieden hebben en de grond zuurder maken.

2) Geef de voorkeur aan hout
Hout en plastic zijn de twee meest gangbare materialen voor de vervaardiging van tuinmeubilair. Hout biedt echter meer voordelen: zijn productie vergt geen aardoliederivaten en het is duurzamer.

3) Kies voor lokale en sterke houtsoorten
De tamme kastanje, de lork en de eik zijn boomsoorten waarvan het hout uitermate geschikt is voor de aanleg van terrassen en de vervaardiging van tuinmeubilair. Door voor lokale materialen te kiezen, vermijdt u niet alleen het vervuilende en erg energieintensieve transport maar zorgt u ook mee voor de creatie en het behoud van lokale tewerkstelling.

4) Geef de voorkeur aan houten meubelen voorzien van het ‘milieukwaliteitslabel’ FSC
De FSC-certificering garandeert dat het bos waarvan het gebruikte hout afkomstig is, op een duurzame manier wordt beheerd. In de praktijk garandeert het op het hout zichtbare label de controle van de verwerkingsketen, van het bos tot het eindproduct, en dat waar ook ter wereld. Maar ook hier is het beter om geen exotische houtsoorten te kiezen waarvoor een duur en vervuilend transport nodig is. Tal van exotische soorten zijn weliswaar erg resistent, maar 99 % ervan wordt wel ten koste van de regenwouden gekapt (zie ook kader hieronder).

5) Gebruik gerecycleerde of gerecupereerde materialen
Schuim rommelmarkten en tweedehandswinkels af, of zoek op het internet op ruilhandel- of herverkoopsites. Tweedehands meubelen zijn vaak nog in zeer goede staat en veel goedkoper dan nieuwe meubelen. U kunt er een originele set tuinmeubilair mee samenstellen en nutteloze productie vermijden.

6) Behandel het hout met natuurlijke producten
Als u het houtoppervlak dient te behandelen om het te beschermen tegen barre weersomstandigheden, parasieten, zonnestralen of vuil, of om te vermijden dat het een ‘grijze’ kleur krijgt, kies dan voor een natuurlijke behandeling. U kunt het hout impregneren met een natuurlijke harde olie (lijnzaadolie) die gemakkelijk aan te brengen is. Om het hout echter ook tegen vuil te beschermen, dient u het daarna nog te behandelen met was (harde of vloeibare balsemachtige was op basis van bijen- of lantaardige was) die de barsten in het hout opvult.

7) Kies voor verlichting die op zonne-energie werkt
Voor de verlichting van uw tuin kunt u ook verlichtingselementen gebruiken, die op zonne-energie werken. Ze zijn economisch, milieuvriendelijk en voorzien van een collector (of zonnepaneel), waarmee het element de hele dag lang zonne-energie kan opslaan. Deze energie wordt daarbij gebruikt om een fotovoltaïsche batterij op te laden die een lamp van 1,2 V 8 à 15 u lang kan laten branden.

Tekst en Tuintips van Leefmilieu Brussel  

Opgesteld door

Leefmilieu Brussel

Web: www.leefmilieubrussel.be

Tuintips voor mei

Tuintips voor mei

Mei is een van de mooiste maanden. Het voorjaar bereikt zijn hoogtepunt en overal liggen tuinen klaar om te pronken met hun kleurenweelde. In de borders, waar tot voor kort nog kale plekken zichtbaaar waren, is de groei van de vaste planten niet meer te stuiten. Ze werden in april nog in toom gehouden door het grillige en onbestendige weer. Mei is ook de maand van prachtige bodembedekkers. Met het verspreiden van hun zaden dragen allerlei eenjarige planten bij aan de overdaad en weelde waar iedere tuinier naar streelt. Het onkruid vormt nu een serieus probleem en u zult het zeker met handharkje en schoffel een halt moeten toeroepen.

Bollen en Knollen
Laatbloeiende tulpen, zoals de prachtige gekartelde papegaaitulp en de elegante viridiflora-tulp of andere prachtige pioensoorten, vormen nu een mooie aanvulling op de vaste planten die de perken en borders vullen. Daarna onderstrepen de eerste, in het oog springende alliums, camassia's en lelietjes de rol die bolgewassen in de voorjaarstuin vervullen.

Bomen en Struiken
In het late voorjaar zijn ze het mooist, als de nieuwe bladeren zich ontvouwen en de kale takken vol bloesem staan. Prunussen, kersen- en appelbomen in lentetooi zijn een lust voor het oog en het is heel begrijpelijk dat ze onverminderd populair blijven. Het kiezen van plantencombinaties die goed bij deze bloesembomen passen, is een plezierige bezigheid.
Zoals eenjarige die kunnen gekozen worden om ze te laten contrasteren met de bloesemkleur of om de kleur te herhalen.

Watertuin
Iedereen zal ermee akkoord zijn dat een van de lastigste aspecten van het vijveronderhoud het helder houden van het water is. Zuurstofplanten, drijvend of onderwater, dragen bij aan een gezonde biocultuur. Ook vissen dienen een praktische en decoratief doel. Met het uitzetten van goudvissen, karpers en voorntjes bestrijdt u insectenplagen. Kikkers, padden, watersalamanders en libellen dragen bij aan de handhaving van het natuurlijk evenwicht en kunnen soms problemen zelfs wegnemen.

Potten beplanten voor de zomer
Het is nu tijd om planten in potten en bakken te zetten voor de komende zomer. Het maakt niet uit wat u als plantenbak gebruikt, als het water maar weg kan. Zorg ervoor dat de wortels kunnen doorgroeien. Maar geef ze niet te veel ruimte, want dan wordt de aarde ''oud''. De compost of potgrond moet geschikt zijn voor de plant. Bijvoorbeeld kalkvrij voor planten die geen kalk verdragen. Bedek de aarde met een laag tuingrit. Dat houdt het vocht vast en beschermt de potaarde.

Opgesteld door

Magische tuinen

Een tuin waar de natuur welkom is  (Deel 2)

Een tuin waar de natuur welkom is (Deel 2)

Elke dag verdwijnen er soorten van het aardoppervlak en worden er andere ernstig bedreigd. Ook in een verstedelijkt  gebied als Brussel staat de biodiversiteit sterk onder druk.Onze tuinen, balkons, terrassen, voorgevels en daken maken echter deel uit van het groene netwerk in de stad: ze kunnen fungeren als onderkomen en tussenschakel voor de fauna en flora en op die manier een belangrijke bijdrage leveren aan de bescherming van de natuur in de stad. Vervolg van onze vorige artikel (punt 1 tot 8).

9) Wat natuurlijk groeit is welkom
Zaadjes die door de wind, vogels of insecten worden meegevoerd, ontkiemen spontaan in onze tuinen als we hen daartoe de kans geven. Het is echter moeilijk om aan het begin van de ontwikkelingscyclus van een jong wild plantje al te zeggen wat het uiteindelijk zal worden. Daarom kunnen we beter het hele groeiproces een kans geven vooraleer we het als onkruid beschouwen en het uittrekken. Misschien heeft de plant wel mooie bloemen … Zo is het ook nutteloos om de natuur te willen tegenwerken door koste wat het kost bepaalde soorten op een bepaalde plaats in de eigen tuin te willen laten groeien.

10) Plant inheemse planten
Zo draagt u bij tot de goede werking van het lokale ecosysteem. Inheemse planten (die in het gewest in het wild groeien) hebben namelijk een nauwe band met de fauna die hen omringt. Insecten voeden er zich mee en trekken op hun beurt vogels of kleine zoogdieren aan. Een grote diversiteit aan inheemse plantensoorten trekt bovendien ook een grote diversiteit aan dierensoorten aan, die elkaar als voedsel gebruiken. Ten slotte zijn wilde planten ook veel beter bestand tegen ziektes en parasieten en hebben ze geen meststoffen nodig.

11) Kies planten met nectar en bessen
Nectarproducerende bloemen trekken bestuivende insecten aan (die stuifmeel vervoeren). Denken we in dit opzicht bijvoorbeeld maar aan de narcis, het slangenkruid, de paardenbloem, de moerasspirea, … Bessendragende planten of struiken (zwartebessenstruik, aalbessenstruik, vlierboom, lijsterbessenboom, …) bezorgen tal van vogels dan weer een overheerlijke feestmaaltijd. Om elk seizoen bloemen te hebben, combineert u ten slotte best vroegbloeiende (bolgewassen, kruisbloemigen) met laatbloeiende planten (peuldragers, …).

12) Vermijd exotische planten
Heel wat inwoners van Brussel houden ervan om vreemde planten te kopen of zelfs van op verre reizen mee naar huis te brengen om deze in hun tuin te planten. Sommige exotische plantensoorten zijn echter erg invasief en hun introductie kan dan ook gepaard gaan met bepaalde risico’s: Zo kunnen ze ons ecosysteem destabiliseren en des te invasiever blijken, omdat ze hier misschien geen natuurlijke vijanden hebben. Daardoor kunnen ze soms een echte bedreiging gaan vormen voor de inheemse biodiversiteit.

13) Informeer naar de giftigheid van bepaalde planten
Er zijn niet meer giftige planten onder de in het wild groeiende planten dan onder deze die we in een tuincentrum kopen. Dat betekent dat we ons best goed informeren en er bijvoorbeeld voor zorgen dat er geen giftige planten naast eetbare planten staan. Uzelf - en vooral uw kinderen - zouden zich namelijk wel eens kunnen vergissen, met alle gevolgen van dien …

14) Geef de voorkeur aan winterharde planten
Terwijl eenjarige jaarplanten elk jaar opnieuw moeten worden vervangen, blijven winterharde planten bestaan en zich verder ontwikkelen. Elk jaar opnieuw komen ze tot bloei zonder dat er we er nieuwe hoeven aan te planten. Enkele van de meest bekende zijn: het lelietje-van-dalen, de geranium, de primula, de veronica, enz.

15) Bekleed uw gevel met groen
Plant klimplanten die zijn aangepast aan ons klimaat. Het volstaat een beetje grond onderaan uw voorgevel vrij te maken door (met instemming van de gemeente en de eigenaar van uw woning als u huurder bent) één of twee straatstenen uit het voetpad te lichten. Voor licht beschadigde muren opteert u best voor ‘ongevaarlijke’ klimplanten (zoals de kamperfoelie of de wilde  ingerd), in plaats van planten met echte hechtwortels (zoals de klimop) die de cementvoegen eventueel nog meer zouden kunnen beschadigen.

16) Verwelkom de natuur op uw balkons
Denk er ook aan bloempotten of bloembakken op uw vensterbanken, terrassen en balkons te plaatsen. Kies hiervoor wel de juiste planten uit in functie van het zonlicht dat ze krijgen. Er zijn trouwens ook planten die perfect in de schaduw gedijen. Opteer voor resistente soorten en verkies winterharde planten die elk jaar opnieuw groeien boven eenjarige planten die u elk jaar opnieuw moet aanplanten. Het resultaat zal niet alleen mooi ogen, maar u zult ook het genot kennen van het tuinieren zonder tuin. Bovendien zult u een aangename omgeving voor vogels en vlinders creëren en in de zomer van een beetje extra frisheid kunnen genieten.

Tekst en Tuintips van Leefmilieu Brussel

Web: www.leefmilieubrussel.be 

Opgesteld door

Leefmilieu Brussel

Tuintips voor april

Tuintips voor april

In april begint een periode van groot bedrijvigheid in de tuin. De winterse natheid is voorbij en de droge maartse winden maken de grond aan de oppervlakte droog en bewerkbaar. Bolgewassen brengen nu veel kleur in de border, als ze in grote groepen dicht opeen staan, lijkt hij al aardig vol, want de bloei van veel vaste planten laat nog op zich wachten. De bloemen van bollen die uitgebloeid zijn, moet u verwijderen en vooral het blad laten afsterven.

Voorjaarsbloeiende struiken en bomen
Veel groenblijvende struiken gaan nu bloeien, zoals de camelia (waarvan het glanzende blad prachtig contrasteert met wasachtige bloemen), sommige viburnums en andere vroegbloeiende rhododendrons. Tot de bloesembomen behoren veel prunussoorten, magnolia's en wilgen met fascinerende katjes. Sommige bomen zoals de prunus subhirtella tonen een scherm van prachtige halfdubbele witte bloemen. Plaats rondom deze bloeiende bomen en struiken voorjaarsbloeiende bolgewassen in de grond zoals jonquilla, muscari,...

Een rotstuin in het voorjaar
Er bloeien in de lente zoveel alpenbloemen dat het niet verwonderlijk is dat de rotstuin, waar traditioneel plantjes een plaats vinden, een boeiende en kleurrijk geheel geeft. Het niet moeilijk om deze miniatuurplantjes te laten gedijen. Voor de meeste is de belangrijkste eis een goed doorlatend bodem. Dir kunt u bereiken door ze in compost met een groot hoeveelheid tuingrit te planten. Als u rondom de plant grit strooit, zal de grond beter doorlatend worden. Natuurlijk hoeven er in de rotstuin niet alleen alpenplanten te staan. Ook kleine varens, traag groeiende dwergconifeertjes, kleine bolgewassen en zelfs bladverliezende boomjes verdienen hier ook hun plekje.

Andere tuintips
- Kwetsbare overblijvende planten kunt u het best nu terugsnoeien
- Overblijvend planten die niet in maart zijn gedeeld, kunnen nu als nog gescheurd worden
- Zaai winterharde eenjarigen.
- Direct na de bloei, snoei vroegbloeiende struiken zoals met Forsythia
- Bedek perken met een mulchlaag om onkruid te weren en vocht vast te houden.
- Deze maand kunt u ook groenblijvende bomen en struiken (in potten) planten: Spit een  gat waarin de wortels voloende ruimte hebben en bedek de bodem met een flinke  laag compost. Geef de  plant veel water voordat u hem uit de pot haalt. Steek er een stok  in en zet hem in de grond. Maak de wortels los en vul op met potgrond. Druk goed aan,  zodat de lucht kan ontsnappen. Vergeet niet in droge periode veel water te geven !

Opgesteld door

Magische tuinen

Een gezonde tuin zonder pesticiden (Deel 2)

Een gezonde tuin zonder pesticiden (Deel 2)

Vervolg van onze eerste artikel over hoe een gezonde tuin hebben zonder pesticiden. Zo hebben wij gezien dat het nuttig is: uw aanplanting te divisifieren, bodembedekkers te planten, niet systematisch op zoek te gaan naar onkruid, ongewenste vegetatie met de hand uit te trekken, uw bodem proper te maken enkel als het nuttig is en snoeien indien nodig.

Lees de volgende punten (van 7 tot 12) om verder te gaan en volg enkele nuttige recepten voor uw tuin.

7) Elimineer niet systematisch ‘lastige’ insecten
Veel insecten en spinnen storen u misschien, maar ze maken wel deel uit van de biodiversiteit van de omgeving, spelen een rol in het bestuivingsproces en dienen als voedsel voor de vogels. Bovendien steken de meeste spinnen niet, net zomin als tal van insecten, zoals darren, mannelijke bijen, zweefvliegen, kevers, waterjuffers, vlinders, enz.

8) Plaats vallen of hindernissen tegen vliegen en naaktslakken
Tegen naaktslakken kunt u met water gevulde dakgoten of in twee helften geknipte plastic flessen gebruiken. Wat u ook kunt doen, is planken of schillen van citrusvruchten op de grond leggen: naaktslakken kruipen er op en zo kunt u ze dan gemakkelijk verwijderen. Tegen vliegen kunt u dan weer speciale netten gebruiken (fijnmazig om te vermijden dat vogels erin verstrikt raken) die doeltreffend uw wortelen en kolen kunnen beschermen.

9) Stel uw tuin open voor insecteneters
• Mezen, grasmussen, spechten, roodborstjes en tal van andere vogels zijn erg doeltreffende insecteneters. Ze zullen door uw tuin worden aangetrokken indien ze daar een variëteit aan bomen en struiken of, voor sommige, nestkastjes vinden.
• Kikkers, padden, watersalamanders, … verlossen u van wormen, vliegen en kleine naaktslakken in vochtigere zones. Zij  geven de voorkeur aan een natuurlijke vijver en verschuilen zich graag onder een stapel hout of stenen.
• In bepaalde groene wijken met weinig verkeer, kunnen ook egels worden aangetroffen. Zij voeden zich met een aanzienlijke hoeveelheid naakt- en huisjesslakken en verkiezen een onderkomenonder een stapel takken of dode bladeren.
• Ook vleermuizen jagen in de zomer op insecten en soms op spinnen. Ook deze diertjes kunt u een onderkomen bezorgen. Hierover is een speciale brochure verkrijgbaar bij Leefmilieu Brussel – BIM: 02/775 75 75

10) Reken op de insecten die op parasieten jagen
• Lieveheersbeestjes en hun larven zijn verlekkerd op blad- en schildluizen.
• Zweefvliegen zijn grote bestuivers en hun larven houden van bladluizen en andere parasieten. Om ze naar uw tuin te lokken, zijn er verschillende soorten van onderkomens mogelijk, bijvoorbeeld een blok hout met gaten.
• Oorwurmen eten graag larven, insecteneitjes, bladluizen en kleine rode spinnen.

11) Gebruik specifieke planten tegen ongewenste gasten
Sommige planten, die vaak een sterke geur afgeven, houden bepaalde ‘plagen’ op een afstand of, omgekeerd, trekken ze net aan en leiden daarmee hun aandacht af van andere planten. ieronder enkele voorbeelden van zulke ‘nuttige’ aanplantingen.

12) Gebruik ‘huisbereide’ middeltjes op basis van planten
Als de wildgroei van ongewenste parasieten of insecten echt een probleem wordt, zijn er ook bepaalde ‘huisbereide’ middeltjes die u kunt gebruiken: bijvoorbeeld aftreksels van planten (brandnetel, paardenstaart, boerenwormkruid, enz.) die niet schadelijk zijn voor het milieu.

 

Enkele recepten
Naaktslakken : dompel 500 gram verse rabarberbladeren in 5 liter kokend water onder. Breng het geheel opnieuw aan de kook en doof het vuur. Laat alles minstens 24 uur lang weken en verstuif de onverdunde vloeistof.
Bladluizen : laat 1 kg brandnetels 3 dagen lang in 10 liter regenwater weken. Verdun de verkregen gier met 10 liter regenwater en verstuif of giet het mengsel vervolgens over uw door bladluizen aangetaste planten.
Ongedierte en paddenstoelen (oïdium, valse meeldouw, honingzwam): laat 300 gram verse boerenwormkruidbladeren 5 à 6 dagen lang in 10 liter regenwater weken. Filter de verkregen gier en verdun deze in 2 liter water. Verstuif dit over uw planten. Een ander recept: laat 24 uur lang 100 gram paardenstaart in 3 liter water weken. Laat het aftreksel 20 minuten lang koken. Laat het vervolgens afkoelen en verstuif het over uw  planten.

Tekst en tuintips van Leefmilieu Brussel

 

Opgesteld door

Leefmilieu Brussel

Web: www.leefmilieubrussel.be

Tuintips voor maart

Tuintips voor maart

De lente begint deze maand. Pas geplante bomen en struiken hebben een nog een laag messtof nodig om verder en beter te kunnen wortelen. Heggen die in de herfst zijn geplant, moeten  nagekeken worden. Stamp losse aarde aan en hark er losjes wat bloed- of beendermeel in om de groei te bevorderen. In de moestuin heeft u nog even de tijd om de grond voor te bereiden voordat in april de planten de grond in gaan.

Lentebloemen
Nu zijn er ook lentebloemetjes die uw gazon kunnen overdekken. Eerst verschijnen Akonieten, vervolgens wilde Narcissen, Bosanemonen, dan Dotterbloemen, Sleutelbloemen en later nog een sluier van wilde Hyancinthen. Geniet ervan. Borders zien er in deze tijd van het jaar nog wat leeg uit omdat de winterharde zomerbloeiers nog niet opschieten. Het is daarom belangrijk dat u vroegbloeiende planten tussen de bolgewassen plant. Veel van deze voorjaarsbloeiers zoals Bolprimula en Primula ''Dawn Ansell'' hebben een mooi blad dat verder mooi blijft.

Vaste Planten
Het is tijd om uw vaste planten in het voorjaar te scheuren. Trek de plant met een vork uit de grond en schud de aarde ervan af. Verdeel het in stukken, gooi als nodig de oude, verhoute , kern weg en behoud de buitenste delen. Plant deze weer in verse copost.

Lentestruiken
Grote struiken of kleine bomen zoals de Magnolia stellata, Forsythia, Virbernum burkwoodii en Camellia zijn nu schitterend. De groenblijvende Mahonia ''media charity'' geurt verrukkelijk, terwijl de spectaculaire Berberis darwinii met zijn oranje bloempjes de aandacht trekken.

Rozelaars
Ook tijd om uw rozelaars te snoeien. Snoei uw hybride theerozen tot 30 cm boven de grond terug en verwijder zieke of aangetaste takken.Voor uw struikrozen: verwijder eerst de zwakke en aangetaste takken. Knip dan een derde van de andere scheuten af. Voor uw klimrozen: snoei al de zijtakken af en bind de sterke nieuwe scheuten op.

 

Opgesteld door

Magische tuinen

Een mooie tuin zonder chemische meststoffen  (Deel 2)

Een mooie tuin zonder chemische meststoffen (Deel 2)

Vervolg van het artikel van Leefmilieu Brussel over een mooie tuin zonder chemische meststoffen. Volg een aantal eenvoudige regels.

Hoe ?  (Stap van 6 tot 10)

6/ Werk uw bodem om
Om uw bodem goed voor te bereiden op toekomstige aanplantingen, moet u de grond eerst omwerken. Op die manier kunt u de aarde goed met compost vermengen en ook gemakkelijker alle onkruid verwijderen. Bovendien helpt het u om een heleboel onnodige chemische tussenkomsten te vermijden die een negatieve impact hebben op het milieu. Met het omwerken van uw bodem bedoelen we daarbij in feite het ‘bewerken’ ervan, zonder de grond in de diepte om te spitten. Gebruik hiervoor een woelvork (of grelinette), waarmee u de bodem kunt verluchten zonder deze helemaal om te spitten want dat is nefast voor zijn biologische werking.

7/ Koop geen tuinaarde met turf
De moerasachtige omgevingen waarin de turf wordt ontgonnen om als meststof te worden gebruikt, hebben sterk te lijden onder deze activiteit. Bovendien vormt turf zich maar erg langzaam door fermentatie: ongeveer 1 mm per jaar. We kunnen turf dan ook moeilijk beschouwen als een hernieuwbare bron. Controleer daarom op de verpakking van de tuinaarde die u koopt, of deze geen turf bevat (sommige van deze turfvrije producten verkregen daarom trouwens het Europese ecolabel).

8/ Gebruik nooit chemische meststoffen
Sommige chemische meststoffen bevatten zware metalen, zoals lood, kwik of cadmium. Als ze door planten worden opgenomen, kunnen ze de hele voedselketen aantasten. Bovendien wordt er voor de industriële productie van chemische meststoffen enorm veel niet-hernieuwbare energie verbruikt. Wantrouw in het bijzonder de zogenaamde ‘wonderproducten’ die een spectaculaire groei beloven: ze putten de planten doorgaans uit of maken ze kwetsbaarder, waardoor hun levensduur verkort.

9/ Opteer voor het gebruik van groenbemesters
Net zoals de beste natuurlijke meststof de ‘thuiscompost’ is, is het ook interessant om planten in uw tuin te telen die de kwaliteit en vruchtbaarheid van uw bodem verbeteren. Zulke planten worden ‘groenbemesters’ genoemd, omdat ze in staat zijn de stikstof uit de lucht vast te houden, de nitraten uit de grond te absorberen, humus te produceren en onkruid te verstikken. Klaver, erwt, mosterd en koolzaad zijn enkele voorbeelden van dergelijke planten.

10/ Houd de ontwikkeling van mossen onder controle
In bepaalde delen van onze tuin kunnen mossen decoratief zijn. Bovendien zijn ze ook erg nuttig. Zo gebruiken heel wat  ogelsoorten van bij ons mos om hun nesten mee te bouwen. Als u echter graag mosvrij gras in uw tuin wilt, gebruik dan geen moswerend product. Bestrooi het oppervlak in kwestie dan liever met compost, bewerk de grond met een verticuteermachine en maai het gras niet al te kort.

Tips en tekst van Leefmilieu Brussel

Opgesteld door

Leefmilieu Brussel

Web: www.leefmilieubrussel.be

Tuintips voor  januari

Tuintips voor januari

Dit is nu tijd om na te denken over de inrichtingen van uw perken en borders, uw mogelijke plantencombinaties, het verplaatsen van planten op verschillende plekken. Kortom, om de hele tuin aan een kritische blik te onderwerpen.

Bekijk uw tuin op vorm en stuctuur. Als het buiten niet vriest, kunt u al de grond harken en omspitten, uw paden aanleggen of verleggen, uw tuinhuis opruimen en nieuwe projecten ondernemen. Naarmate het jaar verder voortgaat, mag er meer gesnoeid worden. In deze tijd kunt u fruitbomen, vruchtdragende en laatbloeiende struiken of sommige clematissen terugsnoeien.

Wintertuinen kunnen ook mooie kleuren hebben. Vierbernums en hamelia's geven een beetje kleur en vooral heerlijke geuren. Skimmia's en hulst zitten vol heldere bessen. De takken van  kornoelje en wilg zullen in het zonlicht glanzen.

En binnenkort komen op de grond bloemen zoals de fonkelende cyclamen, krokussen, sneeuwklokjes en ook mooie miniatuuririssen. Met de tijd worden de dagen warmer en langzaam maar zeker zal uw tuin ontwaken. Nog eventjes geduld.

Opgesteld door

Magische tuinen

Asters en andere herfstbloeiers

Asters en andere herfstbloeiers

De nazomer en het begin van de herfst is ronduit een prachtige tuinperiode: de asters bloeien, en ook de najaarsmargriet, vele chrysanten en enkele minder bekende planten zoals Kirengeshoma en Boltonia ontvouwen hun bloemen. Nu is de glorietijd van de asters aangebroken. Ze zijn er in allerlei tinten en lijken zo te zijn weggestapt uit grootmoeders tuin. Voor herfstboeketten zijn asters onovertroffen. Buiten deze bekende herfstbloeiers zijn er nog enkele minder bekende. Het zijn echter mooie planten die alle aandacht waard zijn, ook in dit stiefmoederlijk behandelde seizoen. Kirengeshoma palmata is zoals vele tuinschoonheden afkomstig uit Japan. Op de kale, kaarsrechte stengel verschijnen vrij grote gesteelde hartvormige bladeren die op een typische wijze zijn ingesneden. Kirengeshoma houdt van een plekje in de halfschaduw, onder een hoge magnolia bijvoorbeeld voelt de plant zich thuis. Door zijn mooie blad en zijn late bloei op ruim 1 m hoge stengels is de plant erg waardevol.
De najaarsmargriet (ook wel oktobermargriet genoemd),  Leucanthemella serotina. Is een krachtige plant die pas in de tweede helft van september bloeit. In tegenstelling tot de gewone margriet heeft de najaarsmargriet een groen hart.
Ook Boltonia asterioides is een prima laatbloeier. Zoals de wetenschappelijke naam doet vermoeden heeft de plant wel wat van een aster. De bloemen zijn wit, maar de stengels opvallen blauwberijpt. Wanneer je deze drie planten aan het najaarsassortiment asters en chrysanten toevoegt, kun je nog laat op het seizoen genieten van een weelderig bloeiende border.

Ivo

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Web: www.ivopauwels.be

Voeder uw moestuin met compost

Voeder uw moestuin met compost

Vooral in de nazomer zijn moestuinen schitterend mooi. Vele tuiniers slagen erin van hun moestuin een ware lusttuin te maken, een prachtige met een fraaie structuur en zelfs bloemen in overvloed. Ook groenten kunnen erg mooi zijn. De frivole krulandijvie koketteert nu met de monumentale savooiekool. Stevige komkommers en blozende tomaten hangen naast de meest gewichtige pompoenen. Mensen met een moestuin proberen ook vaak minder voor de hand liggende en ‘ouderwetse groenten’ te telen: snijbiet of warmoes, kardoen, artisjok, koolraap en Chinese kool. De drijfveer is meestal gezonde en radijsverse groenten van eigen kweek te telen, onbespoten en niet te zeer door meststoffen aangejaagd. Mensen die al jaren een moestuin hebben, waarderen ook de groenten in de winkel. Ze weten dat er veel mis kan lopen. Een moestuin bevat steeds een composthoop. Onkruid dat nog niet in zaad geschoten is, delen van groenten en fruit, licht snoeihout en plantaardige keukenafval komt erop terecht en wordt er door triljoenen compostorganismen omgezet in compost, het zwarte goud voor de tuin dat de bodem verbetert, luchtig en levend houdt. Het is goed voor de bodem de plekken die leegkomen nadat de groenten worden geoogst stelselmatig met een laag van 3 cm zwarte, goed verteerde compost te bedekken.


Ivo Pauwels

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Web: www.ivopauwels.be

Lenteboden willen nu de grond in

Lenteboden willen nu de grond in

Narcissen, krokussen, sneeuwklokjes, blauwe druifjes, tulpen, kievitsbloemen en vele andere voorjaasbloeiende bollen en knollen zijn nu reeds te koop. Dat is goed ook, want hoe vroeger je ze aan de bodem toevertrouwd hoe beter. In de nog warme bodem passen ze zich snel aan om hun schoonheid ten toon te spreiden wanneer de winter naar het noorden vlucht. Let erop dat bij het planten boven de neus van de bol een laag aarde komt met een dikte van tweemaal de boldikte. Plant tulpen en narcissen in groepen van 15 tot 30 stuks, liefst van dezelfde kleur. De plantafstand in de tuin is ongeveer 2 tot 3 keer de dikte van de bol of de knol. Wordt de winter onverwacht streng dan kun je de bodem in november, december met een laagje droog blad of ruwe compost afdekken.

 

Ivo Pauwels

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."


Web: www.ivopauwels.be

Geef uw tuin aan de vlinders

Geef uw tuin aan de vlinders

Dagvlinders in hun fraaie pakjes zijn als het ware vliegende bloemen. Ze wagen zich niet gauw in het open veld met zijn vele gevaren. Waar ze wel van houden zijn zonnige tuinen met een wirwar van gewassen.
Vlinders flaneren graag langs fleurige borders. Daar vinden ze ook nectar in overvloed. In opgepoetste tuinen met een strakke vormgeving voelen ze zich veel minder thuis. Nette tuinen bieden hen geen uitwijkmogelijkheden, geen dorre bladeren en borderruïnes waarin de poppen zich kunnen verschuilen, geen winterschuilplaatsen in snoeihout en takkenbossen. Hoge breedkruinige bomen zijn voor hen ideale oriëntatiepunten. Wie vlinders wil zal natuurlijker moeten tuinieren, chemische meststoffen en insecticiden tot een minimum moeten herleiden en de tuin wat ruiger laten.
Om het helemaal ideaal voor ze te maken, moet je waardplanten in je tuin hebben. Dat zijn planten waarop vlinderrupsen zich tot vlinder ontwikkelen. Wie vlinderrupsen wil, kan op een afgelegen en verlaten plekje in de tuin netelbosjes laten staan. Ook andere wilde planten zoals look-zonder-look en pinksterbloem, wilde grassen met hun slanke aren, wegedoorn en meidoorn zijn prima ‘rupsenplanten’. Erger je niet te fel wanneer de rupsen van het koolwitje een witte kool uit de moestuin een lekkernij vinden of zich te vlinder vreten aan de vrolijke Oost-Indische kers.

Ivo Pauwels

 

Opgesteld door

Ivo Pauwels


''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."


Web: www.ivopauwels.be

Tips voor uw potplanten en uw bloembakken

Tips voor uw potplanten en uw bloembakken

Water geven aan uw potplanten
Potplanten verdampen op snikhete dagen meer dan ze lief is. Vooral als de wortels nauw behuisd zijn en de kluit helemaal doorworteld is. Regelmatig water geven, onder de bladeren en vooral niet op de bloemen, om de bloemen niet te smetten, zal absoluut nodig zijn. Als je veel potplanten hebt, is dat een hele karwei. Ideaal is water geven vroeg op de dag of beter nog bij valavond. Is het echt heet, maak dan de omgeving van de planten een keertje doornat, de terrastegels en zelfs de muren. Op die wijze zorg je voor een vochtige atmosfeer, een echte verademing voor je kamerplanten. Planten met gladde bladeren mag je ’s avonds ook besproeien, behalve als ze bloemen dragen. Wanneer je vaak water geeft, zullen de voedingstoffen uitgeloogd worden. Die kun je op verschillende manieren aanvullen. De interessantste meststof voor kuipplanten zijn meststoffen in een ‘manteltje’ Die meststoffen, vaak in een trosje bij elkaar gelijmd geven de plant niets meer of niets minder dan wat hij vraagt. Vaak is een gekorreld brokje voldoende voor het hele seizoen. Maar ook andere oplosmest geeft goede resultaten. Het spreekt vanzelf dat klein behuisde planten als potplanten meer voeding nodig hebben dan planten in volle grond.
Verleng de bloei van uw bloembakken
Petunia's en andere bloembakplantjes bloeien nog volop. Toch begint de aarde in de bloembakken en potten uitgeput te geraken. Daarom zul je moeten bijmesten. Dat kan op verschillende manieren. Onder andere door een ommantelde meststof toe te voegen. Een speciaal waslaagje zorgt er bij deze meststof voor dat de planten uit de korrels slechts halen wat ze nodig hebben. Ook kun je vloeimest toedienen. Geef ze tot eind augustus elke veertien dagen vloeimest aan de gewone concentratie. Daarbij moet je op het NPK-getal letten. Dat geeft de verhouding aan tussen stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K). Stikstof doet de planten groeien. Dat gaat in principe ten koste van de bloei. Kalium maakt ze stevig en hardt ze af. Vooral houtige gewassen, struiken en bomen zijn daarmee gebaat. De twijgen rijpen af en gaan gesterkt de winter in. Fosfor bevordert de bloei. Voor pot-, kuip-, en perkplantjes kies je dus best vloeibare plantenvoeding met een hoog fosforgehalte. Het tweede getal, het P-getal moet dan het hoogste zijn: bijvoorbeeld 10-15-10. Maar het beste middel om de bloei te verlengen is de verwelkte bloemen en de vruchtbeginsels te verwijderen. Zo moedig je de plant aan voortdurend nieuwe bloemknoppen te vormen.

Ivo Pauwels

Web:  www.ivopauwels.be  

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Peren op flessen trekken

Peren op flessen trekken

In juni heeft de traditionele junirui bij appelbomen en perenbomen plaats. De bomen werpen het teveel aan vruchtjes af zodat de andere mooi dik kunnen worden. Na de rui kun je een fles met een niet te smalle hals over een jong peertje schuiven en ze met ijzerdraad aan zwaardere takken vast t maken zo dat de opening naar beneden wijst. Anders loopt ze vol water en rot de peer tijdens het rijpingsproces. De fles functioneert als een minikasje. En als alles lukt, pluk je in september een waar kunststukje uit de perenboom. De poire williams eau de vie zul je moeten kopen. Vul er de fles met de peer mee. Je zult ongetwijfeld bewonderende blikken oogsten. En als het niet lukt, heb je hooguit een half uurtje werk verloren.
Ivo Pauwels

Web: www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Een inheemse en hemelsmooie vijverplant

Een inheemse en hemelsmooie vijverplant

Van de gele lis die nu overal aan de rand van natuurlijke beken en in vijvers bloeit, kun je in vijvercentra een vorm krijgen met geelgestreepte blad krijgen die even fraai bloeit en overigens in niets verschilt van de inheemse gele lis, behalve dat hij wegens de gedeeltelijke afwezigheid van bladgroen minder woekert. Het is een heerlijke moerasplant die zich aan de binnenrand van de vijver opperbest voelt. In te rijk bemeste vijvers verdwijnen de strepen van de bladeren en wordt het blad groen. De gestreepte gele lis, Iris pseudacorus 'Variegata', is dus een goede voedingsmeter want schrale vijvers zijn gezonder voor vis en plant.
Het is de gele lis en niet de lelie die de nationale plant van Frankrijk is. Hoe ze het tot die status heeft gebracht ?
Toen Clovis met zijn Frankisch legertje een belangrijke slag won, bloeide de gele lis langs de aarden wegen. Op terugweg naar Doornik liet hij zijn soldaten elk een gele lis plukken om ermee op de overwinningsparade in de stad te pronken. Nu nog noemen de botanici de opstaande bloemblaadjes van een lisbloem nog steeds de vlag.
Ivo Pauwels
Web: www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Pompoenen en courgettes

Pompoenen en courgettes

Courgettes, pompoenen en pronkappels worden na 15 mei buiten gezaaid, of als ze binnen of in een kas zijn voorgezaaid, buiten uitgeplant. In de Limburgse Kempen en de Ardennen is het aangeraden nog wat langer te wachten. Ze kunnen ook nog tot begin juni worden gezaaid. Pompoenen en pronkappels zijn probleemloze groeiers die lange ranken vormen. Wanneer je de plant na het vierde blad snoeit, vertakt de plant zich en bevorder je de vruchtzetting. Courgettes groeien meestal zonder ranken te vormen en hebben veel minder plaats nodig, ze hebben genoeg aan een vierkante meter. Pompoenen zet je al naargelang de soort twee tot vier meter uit elkaar op rijen met twee m tussenruimte. Ze doen het goed op met stalmest verrijkte grond en op composthopen, die ze met hun grote bladeren overschaduwen. Kleine pompoenen zijn handzamer en bewaren langer. Je kunt ze op een zonnige plek ook langs bijvoorbeeld een twee meter hoge draadafsluiting naar boven laten klimmen. Plant ze dan ongeveer dertig centimeter uit elkaar. Vanaf begin augustus kun je beginnen oogsten.

Ivo.

Web: www.ivopauwels.be

 

Opgesteld door

Ivo Pauwels


''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Borderplanten steunen

Borderplanten steunen

Het overgrote deel van de borderplanten heeft last van het zotte spel van de wind. In de handel zijn allerhande metalen en soms dure systemen te koop om borderplanten te steunen. Rijshout (snoeihout van fruit- en andere bomen) is en blijft de goedkoopste oplossing. Steek enkele vertakte takken rond de plant en doe het nu, wanneer de planten nog laag zijn. De grillige takken van krulwilg bijvoorbeeld, zijn zeer geschikt.
Je kunt ook bamboes rond de plant steken en ze met touw met elkaar verbinden. Het probleem is dat de bamboes later niet meer onmiddellijk te zien zijn en een tuinier die zich bukt om te wieden lelijk kunnen verwonden. Vooral de ogen zijn erg kwetsbaar. Daarom is het goed een stomp voorwerp over de bamboestok te schuiven, minibloempotjes zijn voor dit doen zeer geschikt. Ook champagnestoppen waarin je eerst een gaatje boort die je stevig om de bamboestok steekt beschermen je tegen eventuele ongevallen.

Ivo

Web:  www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Recept voor een geslaagde bloembak

Recept voor een geslaagde bloembak

Doe het volgende:

·         Neem een stevige, diepe bloembak met onderin enkele draina­gegaten waarlangs het overtollig vocht kan weglopen.

·         Gebruik goede potgrond, liefst met witveen, een blond turfsubstraat.

·         Voeg er een traag werkende en droge organische meststof aan toe.

·         Leg voor een betere drainage potscherven of gepofte kleikorrels binnen handbereik. Vele planten hebben een hekel aan natte voeten en het kan bij ons dagenlang regenen.

Zo ga je te werk

1. Zet alles klaar op een stevige tafel.

2. Leg een laag potscherven op de bodem van de bloembak.

3. Vul de bloembak met potgrond en meng er de organische meststof doorheen.

4. Duw voorzichtig de perkplantjes uit potjes of stripjes.

5. Maak er een mooie compositie mee en plant ze in de bak.

De bloembak mag tamelijk vol zitten, 10 tot 12 planten per lopende meter. Ze kunnen over de randen groeien en hebben dus veel meer ruimte dan het lijkt.

·         Neem een stevige, diepe bloembak met onderin enkele draina­gegaten waarlangs het overtollig vocht kan weglopen.

·         Gebruik goede potgrond, liefst met witveen, een blond turfsubstraat.

·         Voeg er een traag werkende en droge organische meststof aan toe.

·         Leg voor een betere drainage potscherven of gepofte kleikorrels binnen handbereik. Vele planten hebben een hekel aan natte voeten en het kan bij ons dagenlang regenen.

Zo ga je te werk

1. Zet alles klaar op een stevige tafel.

2. Leg een laag potscherven op de bodem van de bloembak.

3. Vul de bloembak met potgrond en meng er de organische meststof doorheen.

4. Duw voorzichtig de perkplantjes uit potjes of stripjes.

5. Maak er een mooie compositie mee en plant ze in de bak.

De bloembak mag tamelijk vol zitten, 10 tot 12 planten per lopende meter. Ze kunnen over de randen groeien en hebben dus veel meer ruimte dan het lijkt.

•Neem een stevige, diepe bloembak met onderin enkele draina¬gegaten waarlangs het overtollig vocht kan weglopen.
•Gebruik goede potgrond, liefst met witveen, een blond turfsubstraat.
•Voeg er een traag werkende en droge organische meststof aan toe.
•Leg voor een betere drainage potscherven of gepofte kleikorrels binnen handbereik. Vele planten hebben een hekel aan natte voeten en het kan bij ons dagenlang regenen.


Zo ga je te werk:

1. Zet alles klaar op een stevige tafel.
2. Leg een laag potscherven op de bodem van de bloembak.
3. Vul de bloembak met potgrond en meng er de organische meststof doorheen.
4. Duw voorzichtig de perkplantjes uit potjes of stripjes.
5. Maak er een mooie compositie mee en plant ze in de bak.


De bloembak mag tamelijk vol zitten, 10 tot 12 planten per lopende meter. Ze kunnen over de randen groeien en hebben dus veel meer ruimte dan het lijkt.

Ivo Pauwels

Web: www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Boerenkool en wisselteelt

Boerenkool en wisselteelt

Ook in de moestuin is het rustig. Wie boerenkool heeft staan, kan er nu van oogsten. Als het koud wordt, is hutsepot een lekkere hartverwarmer en daarin is het gekroesde groen van boerenkool gewoon onmisbaar. Ook spruitjes kunnen best nu geplukt worden. Je weet nooit: de winter kan snel en ongenadig toeslaan en daar kunnen zelfs de spruitjes niet tegen. Spitten kan, maar uitsluitend bij zacht en vorstvrij weer. Daarom is het beter wat geestesarbeid te verrichten en de lange avonden nuttig te besteden aan het opstellen van een teeltplan voor volgend jaar. Vruchtwisseling is van levenbelang in een gezonde moestuin. Zorg dat je met elke groente slechts om de vier jaar op hetzelfde perceeltje komt. Mest niet overdadig. Stalmest breng je alleen aan op die bedden waar je bladgewassen, sla en kolen, zult gaan telen. Op de andere bedden breng je bij voorkeur alleen goed verteerde compost aan.

Ivo Pauwels

Opgesteld door

Ivo Pauwels

''Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Bloeiende kamerplantjes vertroetelen

Bloeiende kamerplantjes vertroetelen

Neem je geen genoegen met ijsbloemen op de ruiten dan moet je noodgedwongen de tuincentra afschuimen en allerhande bloeiende kamerplanten op de kop tikken. Ze komen dan wel niet in een ideale situatie terecht maar met name Kaapse viooltjes en pantoffelplantjes kunnen nu bloeiend gekocht worden. Sommige Begonia's zijn winterbloeiers en dat geldt uiteraard ook voor Cyclamen en de eerste kamerazalea's. Misschien is het goed bij al deze planten de diepe-bord-methode toe te passen. Schuif daarvoor een schaaltje met water onder de pot die je op een verhoogje plaatst, op een paar kiezelsteentjes bijvoorbeeld zodat het water uit de schaal niet door de potkluit kan worden opgezogen. Vul het water geregeld bij. De plantjes staan dan in een voortdurende zuil van vochtige lucht en kunnen met een beetje geluk lang doorbloeien.

Ivo Pauwels

Web: www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

 "Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Een minder bekende winterbloeier

Een minder bekende winterbloeier

Je hebt hem misschien al eens bewonderd op zo'n druilerige winterdag, de Prunus subhirtella 'Autumnalis Rosea', een merkwaardige kleine boom of grote struik die vanaf de late herfst tot de winter bloeit en dat in het vroege voorjaar nog eens heel uitbundig overdoet. In weerwil van al zijn kwalitei¬ten is deze subtie¬le winter¬bloeier niet zo bekend. Het wordt tijd dat daar verandering in komt, want in elke tuin, zelfs in een kleine waar met de beschikba¬re plaats gewoekerd moet worden, ver¬dient deze opwekkende boom een plekje. 's Zomers is de boom wat minder opvallend, maar in de herfst kondigen zijn prachtig rood- oranje herfst¬kleuren de bloei al aan. Zoals de meeste uit Japan afkomstige Prunussen houdt hij van wat kalk in de bodem. Hij is een goede steunplant voor een zomerbloeiende Clematis. Clematis verlangt op de koop toe ongeveer dezelfde bodem. De meeste Belgische boom¬kwekerijen hebben deze fraaie seizoenbreker en ellenlange bloeier in voorraad.
Achter glas is het lente

Ivo Pauwels

Web: www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

"Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

De winterjasmijn bloeit in december

De winterjasmijn bloeit in december

Deze winterjasmijn toont bij zacht winterweer alleraardigste goudgele trompetjes aan elke knoop van z'n vierkante, bladerloze twijgen. Van ver lijkt de struik op het Chinees Klokje (Forsythia). Maar de bloempjes van de winterjasmijn zijn veel edeler en de struik zelf subtieler. Meestal bloeit de winterjasmijn al in december. Zijn twijgen zijn dan een ideale tafelversiering tijdens de eindejaarsfeesten. Harde vorst kan de bloemetjes vernietigen. Maar meestal bloeit de winterjasmijn door tot aan de lente. Spijtig genoeg missen de bloempjes de geur van de tropische jasmijnsoorten.


Zonder steun is de winterjasmijn een lage, warrige struik met gebogen takken. Meestal wordt hij tegen een muur aangeplant. Enkele verticaal en horizontaal tegen de muur gespannen draden maken er dan een pseudo-klimmer van. Dan kan de struik tot drie meter hoog worden. Maar ook dan buigen de takken naar beneden. Waar de groeipunten de grond raken schieten ze spontaan wortel. Die natuurlijke afleggers kan je uitplanten of oppotten en er iemand een plezier mee doen. De eerste twee jaar groeit de plant tamelijk traag, pas na een drietal jaren komt er echt schot in. Om een winterjasmijn rijkelijk te laten bloeien aan lange éénjarige twijgen, moet je uitgegroeide struiken kortwieken, na de bloei, dat is in het vroege voorjaar.

Ivo Pauwels

Web: www.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels


"Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Bomen planten

Bomen planten

De periode tussen half november en begin maart is verreweg de beste planttijd voor bomen met naakte wortels. Bomen verlangen een boompaal. Die paal verhindert dat de wind vrij spel krijgt en de boom over en weer beweegt, waardoor de jonge wortels afknakken. Zonder boompaal heeft een pas geplante boom niet veel kans. Na een jaar of vier kun je de boompaal verwijderen.


In 10 stappen

1. Plant de bomen, bij vorstvrij weer, zo snel mogelijk ter plaat¬se. Koop een plantpaal met een lengte van 1,5 m.
2. Kuil bomen op naakte wortel die niet onmiddellijk kunnen geplant worden in, zodat de wortels met grond bedekt zijn.
3. Graaf een ruim plantgat. Een spadensteek dieper dan de langste wortels en tweemaal zo breed als het wortelpakket. Steek de bodem van het platgat met de spade los.
4. Klop de plantpaal met een houten hamer in de bodem vast, een tiental cm ten westen van het centrum van de kuil. De boompaal hoeft niet meer dan 1 m boven de grond uit te steken. De boompaal moet niet de stam steunen zoals wel eens wordt gedacht. Hij moet ervoor zorgen dat de wortelkluit niet kan bewegen.
5. Vraag aan een helper de boom op de juiste hoogte in het plantgat te houden. De boom komt even diep te staan als in de kwekerij, of maximaal 5 cm lager. Hoe diep de boom in de kwekerij stond, merk je aan de verkleu¬ring onder aan de stam.
6. Breng de aarde opnieuw in het plantgat. De grond moet goed tegen de wortels aansluiten. Druk de grond zachtjes aan.
7. Bind de stam juist onder de top van de plantpaal met een lus van boomband aan de paal. Sla de boomband met een spijker in de plantpaal zodat hij niet kan verschuiven.
8. Leg aan de voet van de boom, maar niet tegen de stam, een mulchlaag van verteerde stalmest, stro, blad of compost en leg de mulchlaag vast met een dun laagje aarde.
9. Geef water bij erg droog weer. Meestal zal het in het najaar voldoende regenen of geregend hebben. In de lente is geregeld water geven absoluut noodzakelijk.
10. Snoei bij bomen op naakte wortel de kroon in. Hou daarbij rekening met de gewenste vorm en met het aantal ongedeerde wortels dat de boom bezit. Verwijder alle takken op de stam.
 
Ivo Pauwels

Opgesteld door

Ivo Pauwels

"Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Geef kleur aan het terras in de winter

Geef kleur aan het terras in de winter

Er zijn tegenwoordig een hele reeks winterbloeiende vaste planten, struiken en bomen te koop die in het koudste jaargetijde ook op het terras willen bloeien. Een jonge toverhazelaar, Mahonia x media of de winterbloeiende Lonicera fragrantissima zullen ook in een ruime pot fraai bloeien als de tijd er in januari en februari rijp voor is. Ook kerstroos, Helleborus niger, en haar wat gemakkelijker zusje Helleborus orientalis zullen in pot bloeien. Al deze planten zijn winterhard. Kies ook voor een winterharde pot. Geharde terracotta potten zijn het mooist. Andere struiken die het winterse terras opfleuren en sterk genoeg zijn om de winter in pot te doorstaan zijn Pieris japonica en Skimmia japonica. Ook op een aantal conifeertjes kun je rekenen. Vooral de jeneverbessen, Juniperus, zijn gehard tegen onze winter. In het voorjaar kun je al deze planten in de tuin planten, waar ze naar hartelust en in toenemende schoonheid kunnen groeien.

Ivo Pauwels

Webwww.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels

 

"Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Breng kruipplanten en potazalea's nu naar binnen

Breng kruipplanten en potazalea's nu naar binnen

 

De nachten worden koud. Voor fuchsia's, pelargoniums, engelentrompetten, bougainvillea’s en vele andere niet-winterharde kuipplanten wordt het nu echt te koud. Zij moeten naar binnen. Breng ze in een onverwarmde ruimte waar veel licht naar binnen valt en waar je de planten kunt luchten. Geef ze niet te veel water en zeker geen voeding. Geniet van hun laatste bloemen en laat ze rustig de herfst ingaan. Olijfbomen, laurierboompjes en oleanders kunnen wat beter tegen de koude. Wacht nog een maand voor je ook deze kuipplanten naar binnen brengt. Grote kuipplanten kunnen voor transportmoeilijkheden zorgen. Vooral als die planten ook vervaarlijke stekels hebben. Agaven kunnen bij het transporteren lelijke wonden veroorzaken. Steek op elke bladstekel een kurken stop. Dat beperkt in grote mate het gevaar op verwondingen.


Ook kamerazalea’s die buiten op een plekje in de schaduw ‘overzomerd’ hebben worden met het oog op de winter¬bloei uit de tuin gehaald. Breng ze naar een licht en zo koel moge¬lijk, maar vorstvrij, vertrek. Een logeerkamer of een koele veranda is het meest geschikt. Hou ze vooral in de zon en geef ze voldoende water. Met een beetje geluk bloeien ze dan weer even fraai als vorig jaar.

Ivo Pauwels

Webwww.ivopauwels.be

Opgesteld door

Ivo Pauwels


"Auteur en tuinman Ivo Pauwels schreef ca. 65  boeken, werkt voor verschillende tijdschriften in binnen- en buitenland, beantwoordt tuinvragen in het Radio2-programma De Madammen en is hoofdredacteur van het VTM programma Groene Vingers."

Keuze en planttips voor uw clematissen

Keuze en planttips voor uw clematissen

Hoe uw clematis planten:

Beste planttijd:
De meeste clematissen worden in pot aangeboden en kunnen het hele jaar aangeplant worden. De beste periode om dit te doen is van september tot einde mei. Indien u aanplant in het voorjaar of de zomer moet u ervoor zorgen dat u voldoende water geeft, daar uw plant in een warme zomer kan uitdrogen en afsterven. Indien u aanplant in het najaar kiemt uw plant nog door de warme grond en heeft zo minder last van droogte het volgende jaar.

 

Aankoop van clematis:
U kiest best voor een clematis in een 2 liter pot daar het wortelgestel hiervan beter ontwikkeld is en zo een grotere buffer vormt om de eerste dagen niet uit te drogen. Ze hebben ook meerdere stengels. Planten in kleine potjes hebben minder wortels, geven minder stengels en hebben hierdoor bijna geen kans op slagen. Indien uw pas aangekochte plant volop in bloem staat, kiest u er best voor hem terug te snoeien. Zo zal de bloei uw plant niet uitputten en kan hij zich volop concentreren op het ontwikkelen van zijn wortelgestel en groei. Deze snoei helpt tevens bij het mooi vertakken waardoor de bloei het jaar nadien veel uitbundiger zal zijn !


Aanplanten in volle grond:
Goed begonnen is half gewonnen. Daarom is een zorgvuldige voorbereiding uiterst belangrijk. De plaats van het plantgat is van groot belang om ervoor te zorgen dat er voldoende regenwater aan de voet kan komen en zo de kluit niet snel uitdroogt. Omdat de grond - die zich dicht tegen een muur of onder een boom bevindt - zeer droog is en weinig regenwater krijgt, graaf je best het plantgat ongeveer 40 cm. ervandaan. Maak nu een plantgat van 40 cm.diep en 40 cm.breed. De helft van de aarde doen we weg en gebruiken we niet. Met de andere helft maken we een mengeling van humus, een goede potgrond en een handvol gedroogde koemest of meststof speciaal voor clematissen. Dit om ervoor te zorgen dat we een rijke en luchtige grond hebben. Nu kan het aanplanten beginnen. Alvorens dit te doen dompelen we de plant gedurende 10 minuten onder in een emmer water om ervoor te zorgen dat hij gedurende de eerste dagen zeker niet zal uitdrogen. Afhankelijk van welke variëteit u gekocht heeft dient u de plant dieper of juist gelijk met de aarde van de pot aan te planten. Indien uw plant een variëteit is uit de groep montana, alpina, macropetala, armandii of heracleifolia, behoudt u de diepte zoals hij in de pot stond. Indien hij uit de andere groepen komt ( viticella, diversifolia, texensis, tangutica, orientalis, integrifolia) dan moet u uw plant 15 cm. dieper planten, m.a.w. 15 cm. van het groen moet mee onder de grond. Dit om ervoor te zorgen dat er zich in het volgend voorjaar nieuwe grondscheuten vormen. Richt bij het planten uw clematis schuin in de richting van een steun die hij nodig heeft om zich aan vast te hechten. Maak nu het plantgat dicht en druk lichtjes aan met de hand. . Om de wortel van de plant te beschermen tegen uitdroging kan een bodembedekkend plantje aan de voet geplant worden. Vergeet niet gedurende het eerste jaar voldoende water te geven (normaal 2 keer per week een flinke scheut). Als het echt begint te zomeren met warme temperaturen geeft u best uw clematis elke dag water. Droogte is één van de grootste vijanden van elke clematis.


Aanplanten in pot:
Kies best voor een niet-vorstgevoelige aarden pot die minimaal 50 cm. diameter en 50 cm. diepte heeft met een gat in de bodem voor voldoende drainage. Zoniet zal uw plant niet voldoende ruimte hebben om zijn wortelstructuur te kunnen ontwikkelen met uitdroging en sterfte tot gevolg. Alvorens de pot te vullen met potgrond plaatst u best enkele keien onderin de pot om ervoor te zorgen dat het overtollige water weg kan vloeien. Gebruik uitsluitend kwalitatieve potgrond. Indien uw plant een variëteit is uit de groep montana, alpina, macropetala, armandii of heracleifolia, behoud u de diepte zoals hij in pot stond. Indien hij uit de andere groepen komt ( viticella, diversifolia, texensis, tangutica, orientalis, integrifolia) dan moet u uw plant 15 cm. dieper planten, m.a.w. 15 cm. van het groen moet mee onder de grond gestoken worden. Om het water geven te vergemakkelijken vult u de pot niet helemaal tot aan de rand. Om hem te beschermen tegen uitdroging kan u er een eenjarig plantje bijplanten of eventueel de bovenlaag afdekken met een laagje fijne boomschors. Vergeet niet regelmatig bij te gieten. In de winter plaatst u de plant, indien mogelijk, tegen het huis. Zo voorkomt u wegrotting van het wortelgestel door overvloedige neerslag. Mocht het in de winter zeer hard en lang beginnen vriezen (>-15° C) kan u de pot omwikkelen met stro om vorstschade te voorkomen.


Aanplanten van meerdere planten naast elkaar:
Wanneer u kiest om meerdere clematissen op éénzelfde plaats te planten laat u best 40 cm. tussen de twee wortelkluiten. Dit om ervoor te zorgen dat de beide planten voldoende wortelruimte hebben om te kunnen ontwikkelen.


Steun om clematis te laten klimmen:
Clematis hecht zich niet zelf aan baksteen of beton zoals bijvoorbeeld wilde wingerd wel doet. Je hebt een steun nodig om je clematis tegen te laten groeien waar hij zich kan omwinden. Dit kan je doen door bijvoorbeeld elke 40 cm. draden te spannen. Je kiest best voor een geplastificeerde draad zodat je plant niet gekwetst wordt (een gekwetste plant is vatbaarder voor ziekten). Je kan ook kiezen voor een breed mazige geplastificeerde draad die meestal gebruikt wordt om tuinen af te spannen. Deze zijn meestal te koop op rollen van enkele meters. Zorg dat er voldoende ruimte is tussen de draad en de muur (2 cm.) zodat de clematis nog met zijn bladsteel om deze draad kan draaien. Kies je voor een houten klimrek, zorg er dan voor dat de latjes van het rekje niet te dik zijn (max. 2 cm). Clematis in de border of pot kan je laten klimmen in enkele takken uit het bos die je in de aarde steekt en boven samenbindt in een punt met wat touw, dit geeft een natuurlijk uitzicht. Laat je nooit verleiden door de spiraalvormige stangen die te koop worden aangeboden. Deze zijn naar ons inziens niet echt geschikt om je plant op te laten klimmen. Hij geeft te weinig steun voor het aantal stengels dat zich zal vormen en de plant kan er afschuiven.


Na het aanplanten:
Hou er rekening mee dat een clematis het eerste jaar niet altijd zijn volle pracht zal tonen. Dit is zeker zo bij grootbloemige variëteiten. Na het eerste of zelfs het tweede jaar is een grootbloemige clematis pas echt op z'n mooist.

Werner Van Nuffelen

Web:  www.clematis.be

Opgesteld door

Werner Van Nuffelen

 

Kwekerij Van Nuffelen

De grootste en welbekende clematiskwekerij van België.

U vindt er een ruim assortiment van meer dan 680 clematis soorten

U krijgt ook alle nodige advies bij het uitzoeken, aanplanten en verzorging van uw clematissen

Tips van de Vlaamse Compostorganisatie vzw Vlaco

Tips van de Vlaamse Compostorganisatie vzw Vlaco

Meer genieten in uw prachtige tuin!  ‘Plant uw tuin vol vrije tijd’

9 tips voor een onderhoudsarme tuin:

Houdt u van een tuin met een eigen karakter en wat kleur in de borders? Vreest u echter het werk dat mooie borders met zich meebrengen: planten opbinden, jaarlijks zaaien, uitplanten, scheuren …?
Geen nood. Wanneer u een evenwicht vindt tussen plantkeuze, standplaats en uw eigen behoefte en smaak, dan verkrijgt u een onderhoudsarme beplanting die u jaren laat genieten van uw tuin. Met de 9 tips uit dit boekje kunt u meteen aan de slag. Planten kiezen, de voorbereiding en het onderhoud van een aanplant vormen voortaan geen geheimen meer voor u.

Meer informatie bij de tips en over vaste planten vindt u op www.junicompostmaand.be

Tip 1: Ga voor bodembedekkers
Bodembedekkers zijn vaste planten die laag over de bodem groeien en hem na enige tijd volledig bedekken. Ze vragen minder onderhoud en leveren ook minder tuinresten op dan een gazon. Delen van de tuin waar u niet over loopt maar die u toch open wenst te houden, kunt u eenvoudigweg omvormen tot vlakken met mooie bodembedekkers.

Tip 2: Kies vaste planten in functie van de standplaats
Vaste planten bestaan in vele hoogtes, bladvormen, bloeitijden en kleuren. U kunt ze eindeloos combineren naar eigen smaak. 
Kies voor soorten die passen bij het type (zand, leem, klei) en bij de vochtigheid van de bodem en die het goed doen op dat specifieke plekje (zon, halfschaduw, schaduw) in uw tuin.

Tip 3: Respecteer de groeikracht
Vaste planten hebben bij aankoop vaak amper loof. De plantenkweker biedt immers vooral een gezonde wortel aan met enkele krachtige groeipunten. In het voorjaar verschijnen  de frisse bladeren en bloemstengels die soms uitbundig kunnen groeien..
Laat u niet verrassen door de afmetingen die de plant soms pas na een paar jaar aanneemt. Lees daarom de informatie op het plantenlabel of ga te rade bij uw plaatselijk tuincentrum, in een boek of op internet. Leer inschatten hoe groot de plant mag worden die u op een bepaalde plek wilt zetten en respecteer de opgegeven plantafstand.

Tip 4: Verbeter de bodem met compost
Ook voor vaste planten is de bodem de ‘grond’ van de zaak. Verlies daarom de bodemvoorbereiding niet uit het oog en gebruik compost. Maak de grond een spade diep los en verwijder wortelonkruiden.
Compost verbetert de structuur van de bodem, stimuleert het bodemleven en houdt als een spons het vocht vast. Een dosis compost van 20 liter/m² (= 2 cm) inwerken, is prima als startbemesting.

Een overzicht van compostproducenten vindt u op www.vlaco.be

Tip 5: Plant met succes
Aanplanten doet u best tussen september en april behalve bij vorst of op al te natte grond.
Laat de potjes voor het planten gedurende tien minuten water opnemen.
Is de grond erg droog, vul de plantputjes dan een tweetal keer met water. 
De plantdiepte is gelijk aan deze van de pot. De bovenkant van de kluit komt dus gelijk met het bodemoppervlak.
Druk de grond goed aan met de hand en geef in het begin voldoende water.

Tip 6: Geef onkruid geen kans
Onkruid neemt spontaan de vrije ruimte tussen een jonge aanplant van bodembedekkers en andere vaste planten in.
Met enkele eenvoudige maatregelen kunt u dit voorkomen.
Verwijder bij het voorbereiden van de bodem systematisch de onkruidwortels.
Breng na aanplant een bodembedekking aan van houtsnippers, herfstbladeren of een dun laagje gazonmaaisel (max. 3 cm) om het kiemen van de onkruidenzaden af te remmen.
Verwijder tijdig de onkruidplantjes die zich toch nog ontwikkelen.
Naarmate de vaste planten verder uitgroeien, belemmeren hun bladeren de onkruidgroei en moet u nog slechts een paar keer per jaar controleren.

Tip 7: Laat afgestorven bladeren ter plaatse liggen ...
De bladeren en andere resten die de vaste planten doorheen het jaar op de grond laten vallen, hoeft u niet (meteen) op te ruimen. U kunt ze gewoon laten waar ze zijn. In de zomer remmen ze het uitdrogen van de bodem en de ontwikkeling van onkruid. ‘s Winters  beschermen ze de planten(wortels) tegen vorst, ijzige wind en striemende regen. Wanneer ze tenslotte volledig verteerd zijn, geven ze hun voedsel terug aan de plant.

Tip8:… en laat dorre stengels rustig staan.
Verander uw tuin in de herfst niet in een kale vlakte maar laat de afstervende, bovengrondse vaste plantendelen gewoon staan. Nuttige insecten maken van de holle stengels graag gebruik als schuil- of nestplaats.  Vogels pikken er de zaden, bessen en… insecten uit. En wat is er in de winter mooier dan een witberijmde plantenstengel?

Tip 9: Composteer!
Breng de onverteerde bladeren en de stengels die u toch verwijdert, via compostvat of -bak terug in de kringloop.  Zacht bladmoes, maar ook keukenresten en grasmaaisel, verteren het snelst als u het vermengt met ‘bruin’ structuurmateriaal. Droge (versnipperde) plantenstengels, stevige bladstelen en dorre bladeren zijn daarvoor prima geschikt. Hoe diverser uw tuin en hoe meer verschillende tuinresten u combineert, des te beter composteerbaar uw mix van tuinresten zal zijn, en des te evenwichtiger uw compost. 

Meer nuttige tips en handige informatie op:
www.junicompostmaand.be.

Opgesteld door

vzw Vlaco

Onderhoud uw rozelaars van maart tot november

Onderhoud uw rozelaars van maart tot november

 

Filroses: de raadgevingen van één van de beste rozenspecialist in België.

 

MAART-APRIL (Snoeien en preventief Behandelen)

•Van zodra de forsythia's in bloei staan: de herbloeiende Rozen snoeien (struiken, klimmers en stamrozelaars).
•Winterbescherming van de Rozelaars verwijderen.
•Een handvol Patenkali uitstrooien aan de voet van elke Rozelaar.
•Zodra de bladeren 5cm groot zijn: preventief behandelen tegen ziektes door pulverisatie.

MEI - JUNI (Bemesten, Besproeien en Behandelen)

•Een handvol Meststof Or Brun Speciaal voor Rozelaars uitstrooien aan de voet van iedere Rozelaar (1x/maand).
•Uw jonge Rozelaars één keer per week besproeien (10l water aan de voet van elke Rozelaar).
•Eén keer per week met “Purin d’Orties” en “Purin de Prêles” Or Brun de bladeren onderaan verstuiven.
•Voor de Rozelaars die het meest gevoelig zijn voor ziektes: met een fungicide behandelen.
•De verwelkte bloemen van de doorbloeiende Rozelaars verwijderen.
•Indien uw Rozelaars luizen verwelkomen: met een mengsel van in water verdunde zeep van Marseille pulveriseren (1 soeplepel/liter water).

JULI - AUGUSTUS (Bemesten, Besproeien, Behandelen, Variëteit Oude Rozen Snoeien)

•De wekelijkse sproeibeurten verder zetten, de verwelkte bloemen verwijderen (behalve voor de Rozelaars die vruchten zullen dragen zoals het type Rugosa), Meststof en “Purins” aanbrengen.
•De Oude Rozelaars (die slechts één keer bloeien) snoeien: 1/3 inkorten.

SEPTEMBER (Rozelaars opfrissen, zeker !NIET SNOEIEN!)

•Aan de voet van iedere Rozelaar een handvol Patenkali uitstrooien.
•UW ROZELAARS VOORAL NIET SNOEIEN! U mag ze wel opfrissen door alleen het dorre hout te verwijderen.

OKTOBER - NOVEMBER
(Winterbescherming, Aanaarding)

•Indien u houtvuren maakt, kunt u de asse aan de voet van de Rozelaars uitstrooien.
•Bescherm het entingspunt van uw Stamrozelaars.
•2 à 3 kg Compost of Amendement Or Brun 'Speciaal Rozelaars' op uw rozelaars uitstrooien en zorg daarbij dat uw oudere Rozelaars hun entingspunt bedekt is voor de vriesperiode.
•Uw jonge Rozelaars aanaarden (met een piramide van bladeren en turf tot op een hoogte van 30cm).

 

Voor meer inlichtingenwww.filroses.com

Opgesteld door

De kwekerij Filroses

stelt u voor een alsmaar scherpere selectie van de mooiste en meest gezonde Rozelaars. Een waarborg van kwaliteit en plezier in uw eigen tuinen.

Hoe kan men slakken uitschakelen ?

Hoe kan men slakken uitschakelen ?

De laatste 2 à 3 jaar worden velen geconfronteerd met een echte slakkenplaag in hun tuin. In sommige tuinen is het probleem zo erg, dat mensen het soms opgeven om nog iets aan te planten, laat staan om nog eigen groenten te telen.

In geval van 'lichte' schade kunnen klassieke hulpmiddelen nog enig soelaas bieden: uitstrooien van lavagruis rond gevoelige (zeg maar malse) plantjes, het plaatsen van biervallen, het aantrekken van natuurlijke vijanden (egels, padden, vogels,...), het nachtelijk verzamelen van slakken,...
Bij een zwaardere plaag blijken deze ingrepen vaak geen voldoende oplossing te bieden. Chemische slakkenkorrels zijn natuurlijk uit den boze (grondverontreiniging, vaak dodelijke vergiftiging van vogels en egels).


Gelukkig kan de natuur ons een handje toesteken. Sedert enkele jaren bieden wij de natuurlijke parasieten van slakken aan. Het zijn microscopisch kleine wormpjes ('aaltjes') die de slakken in de grond gaan parasiteren, wat hun dood veroorzaakt. Deze aaltjes zijn volkomen onschadelijk voor mens en (huis-)dier en hebben geen enkel negatief effect op de bodem of de planten. Ze worden opgelost in water en met de gieter aangebracht. Heel eenvoudig en doeltreffend!

Voor meer informaties en om te bestellen:   www.ecoflora.be

                                                                      > Tips & Links

Opgesteld door

Freddy Sparenberg
van de kwekerij Ecoflora